[gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] vordert - na wijziging van eis - dat de rechtbank, bij vonnis en uitvoerbaar bij voorraad:
I. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] , [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk met [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de door [eiser] . geleden schade over de periode van 12 mei 2017 tot 15 februari 2019, waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
II. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] , [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk aansprakelijk zijn voor in totaal 75% van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 12 mei 2017 tot 15 februari 2019 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
III. [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V. en/of [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] veroordeelt tot betaling binnen veertien dagen aan [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] van in totaal 75% van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 12 mei 2017 tot 15 februari 2019 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld op het moment dat [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] dit bedrag zal hebben voldaan;
IV. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] , [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk met [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de door [eiser] . geleden schade over de periode van 15 februari 2019 tot 1 april 2019 waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
V. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] , [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk aansprakelijk zijn voor in totaal 75% van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 15 februari 2019 tot 1 april 2019 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
VI. [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V. en/of [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] veroordeelt tot betaling binnen veertien dagen aan [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] van in totaal 75% van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 15 februari 2019 tot 1 april 2019 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld op het moment dat [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] dit bedrag zal hebben voldaan;
VII. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk met [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de door [eiser] . geleden schade over de periode van 1 april 2019 tot 31 juli 2023 waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
VIII. verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V., [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V., de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] , [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] gezamenlijk aansprakelijk zijn voor in totaal 2/3e van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 1 april 2019 tot 31 juli 2023 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld;
IX. [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V. en/of [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V. en/of [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] veroordeelt tot betaling binnen veertien dagen aan [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] van in totaal 2/3e van het bedrag waartoe [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] over de periode van 1 april 2019 tot 31 juli 2023 in de hoofdzaak eventueel mocht worden veroordeeld op het moment dat [gedaagde sub 1 en eiseres in vrijwaring] dit bedrag zal hebben voldaan;
X. [gedaagde sub 1 in vrijwaring] B.V. en/of [gedaagde sub 2 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 4 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 6 in vrijwaring] en/of [gedaagde sub 3 in vrijwaring] B.V. en/of de heer [gedaagde sub 7 in vrijwaring] veroordeelt in de kosten van het geding in deze vrijwaring, te vermeerderen met de nakosten, een en ander te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het in deze zaak te wijzen vonnis en - voor het geval de voldoening van de (na)kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening.