Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
vonnis d.d. 24 april 2026
PROCESGANG
RECHTSOVERWEGINGEN
€ 3.500,00 te hebben op een Spaanse rekening en € 1.300,00 op een cryptocurrencyrekening. In het toelatingsvonnis van 25 april 2025 is geoordeeld dat de schuldenaar verplicht is het gespaarde bedrag op die twee rekeningen van in totaal ongeveer € 4.800,00 aan de bewindvoerder af te dragen. In verband met het bekend worden van de artikel 12 Sv Pro procedure en het feit dat de schuldenaar geen toegang meer bleek te hebben tot de rekening bij de Spaanse bank, de Open Bank, zodat het geld niet kon worden overgeboekt naar de boedelrekening, heeft de bewindvoerder om een verhoor verzocht. Uit de zittingsaantekeningen van het gehouden verhoor op 6 oktober 2025 volgt dat de schuldenaar heeft verklaard dat hij tot augustus 2022 inzage had in de rekening. Daarna niet meer omdat zijn oude telefoon niet meer actief was en hij geen activeringsberichten meer kon ontvangen. Uit de bankafschriften van de bankrekening bij de Open Bank volgt dat de schuldenaar gedurende de periode van 22 april 2022 tot 17 maart 2023 aanzienlijke sommen geld heeft ontvangen van [naam] . Uit de bankafschriften volgt ook dat dit geld is uitgegeven bij de koffieshop, de MacDonalds en aan boodschappen. Het saldo van deze rekening van
€ 1.365,86 is op 30 oktober 2025 overgeboekt naar de boedelrekening.