ECLI:NL:RBNNE:2026:1928
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gedeeltelijk verzoek inzage politiegegevens wegens bescherming privacy derden
Eiser heeft bij verweerder een verzoek ingediend om inzage te krijgen in zijn persoonsgegevens die zijn verwerkt op grond van de Wet politiegegevens (Wpg). Verweerder heeft dit verzoek gedeeltelijk ingewilligd, maar een deel van de registratie geweigerd vanwege de bescherming van de privacy van derden. Eiser is het niet eens met deze gedeeltelijke afwijzing en heeft beroep ingesteld.
De rechtbank heeft onder geheimhouding de betreffende registratie ingezien en vastgesteld dat het niet mogelijk is om de gegevens van derden te anonimiseren zonder hun privacy onevenredig te schenden. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd waarom het verzoek gedeeltelijk is afgewezen, waarbij het belang van de privacy van derden zwaarder weegt dan het belang van eiser bij inzage.
De rechtbank oordeelt dat het recht op inzage geen absoluut recht is en dat een belangenafweging noodzakelijk is. De weigering is een noodzakelijke en evenredige maatregel ter bescherming van de rechten en vrijheden van derden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, en eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de gedeeltelijke afwijzing van het inzageverzoek wordt ongegrond verklaard vanwege bescherming van de privacy van derden.