ECLI:NL:RBNNE:2026:1877
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- W.B. Jongsma
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen boete voor vasthouden mobiel apparaat tijdens rijden
Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 30 december 2024. Betrokkene stelde dat het voertuig op dat moment in de garage stond voor tachograafijking en dat hij niet de bestuurder was. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de enkele stelling dat het voertuig in de garage stond onvoldoende bewijs is. De verbalisant had het voertuig langzaam voorbij zien rijden en zag duidelijk dat de bestuurder een mobiel apparaat vasthield. Omdat de ambtenaar in privétijd was en geen mogelijkheid had tot staandehouding, mocht de boete op kenteken worden opgelegd.
De kantonrechter vond geen reden om aan de verklaring van de verbalisant te twijfelen en achtte het niet relevant of betrokkene zelf de bestuurder was, aangezien ook een andere persoon het voertuig had kunnen besturen. De boete werd daarom terecht opgelegd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor het vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden wordt ongegrond verklaard.