Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2026:1864

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
23 maart 2026
Publicatiedatum
21 mei 2026
Zaaknummer
11827770 BU VERZ 25-1860
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Rechters
  • W.B. Jongsma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4 WahvArt. 13a WahvWet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriftenWet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete wegens onvoldoende lichtdoorlatendheid voorruit gegrond verklaard

Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens een te lage lichtdoorlatendheid van de voorruit en/of voorste zijruiten van haar auto. Betrokkene stelde dat de meting niet conform de instructie was uitgevoerd, omdat de verbalisant niet in de hoeken van de ruit had gemeten, wat volgens de instructie wel verplicht is.

De kantonrechter oordeelde dat er gerede twijfel bestaat over de betrouwbaarheid van de meting, omdat de verbalisant niet heeft bevestigd dat hij op de voorgeschreven plekken, waaronder de rechterbovenhoek, heeft gemeten. Hierdoor kon de overtreding niet worden vastgesteld.

De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de eerdere beslissingen en bepaalde dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld in de proceskosten van € 358,38.

Betrokkene had ook aangevoerd dat de boete niet in verhouding stond tot de overtreding, maar dit werd niet expliciet in de uitspraak overgenomen. De procedure verliep via schriftelijke behandeling en mondelinge zitting, waarbij de kantonrechter direct uitspraak deed.

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens onvoldoende lichtdoorlatendheid wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 269466932
zaaknummer: 11827770 BU VERZ 25-1860

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van23 maart 2026

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [plaats]
(gemachtigde: mr. N.G.A. Voorbach, Verkeersboete.nl).

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘de lichtdoorlatendheid van voorruit/voorste zijruit(en) bedraagt minder dan 55%’, verricht op 3 oktober 2024, om 14:38 uur, op de Spoorlaan in Wolvega, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 309,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 23 maart 2026 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: mr. O. van der Meer namens Verkeersboete.nl, en als vertegenwoordiger van de officier van justitie mr. P. Belopavlovic.
1.3.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Standpunten
2. Gemachtigde voert aan dat de verbalisant per zijruit drie keer in het midden van de ruit heeft gemeten. De Instructie meting lichtdoorlatendheid schrijft echter voor dat bij de voorste zijruiten op vijf punten gemeten moet worden. De meting is daarom niet betrouwbaar en representatief. Betrokkene heeft de auto zo gekocht en zij dacht dat dit in orde was. De verbalisant gaf toen aan dat het folie was. De folie aan de passagierskant is voor de helft verwijderd. Betrokkene mocht hier wel mee naar huis rijden. Op de ramen bleef veel lijm zitten. Hierdoor had zij slecht zicht en hing er een enorme lijmlucht in de auto. Betrokkene was er niet van op de hoogte dat dit niet zo mocht en heeft de folie direct verwijderd.
3. Verder voert gemachtigde aan dat het sanctiebedrag niet in verhouding staat tot de overtreding. De sanctie is in strijd met het evenredigheidsbeginsel. Betrokkene verzoekt om vergoeding van de proceskosten.
4. De vertegenwoordiger is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard. Als in het zaakoverzicht staat dat de meting op de voorgeschreven manier is gedaan, dan kan je ervan uitgaan dat het conform de instructie is gedaan. Er gelden veel vereisten voor het verrichten van een meting en die kan de verbalisant niet allemaal noemen.
Overwegingen
5. De kantonrechter twijfelt aan betrouwbaarheid van de meting. Volgens de Instructie meting lichtdoorlatendheid is het verplicht om op drie verschillende plekken te meten, waaronder de rechterbovenhoek. [1] De gemachtigde heeft sinds de hoorzitting in de administratieve fase aangevoerd dat de verbalisant niet in de hoeken van het raam heeft gemeten. Uit de verklaring van de verbalisant blijkt ook niet dat hij in de rechterbovenhoek heeft gemeten; hij geeft alleen aan dat hij drie keer heeft gemeten volgens de Instructie meting lichtdoorlatendheid. Bij de kantonrechter is daarom gerede twijfel ontstaan over de vraag of de meting is verricht conform de Instructie meting lichtdoorlatendheid. De gedraging kan daarom niet worden vastgesteld. De kantonrechter acht het niet opportuun om alsnog een aanvullend proces-verbaal op te vragen. De vertegenwoordiger heeft hiervoor al voldoende gelegenheid gehad. De kantonrechter zal het beroep gegrond verklaren.
6. Omdat de kantonrechter het beroep gegrond zal verklaren, zal hij de officier van justitie veroordelen in de proceskosten van betrokkene. Hij zal anderhalve punt toekennen met een waarde van € 666,00 voor het indienen van het administratief beroepschrift en het bijwonen van een telefonische hoorzitting. Ook zal hij één punt toekennen voor het indienen van het beroepschrift bij de kantonrechter en één punt voor het bijwonen van de zitting met een waarde van € 934,00. Gelet op de aard van de zaak past de kantonrechter de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toe. Omdat zowel de inleidende beschikking als de beslissing van de officier van justitie na 31 december 2023 is bekendgemaakt, past de kantonrechter de extra wegingsfactor uit artikel 13a, tweede lid, onder a, van de Wahv toe op beide fasen. [2]
7. De berekening is als volgt: 1,5 (procespunt) x € 666,00 (tarief) + 2 (procespunten) x € 934,00 (tarief) x 0,5 (wegingsfactor, licht) x 0,25 (extra wegingsfactor herwaardering proceskostenvergoeding) = € 358,38. De kantonrechter zal de officier van justitie veroordelen in de kosten van € 358,38.

Conclusie

De kantonrechter:
  • verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;
  • vernietigt die beslissing;
  • verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gegrond;
  • vernietigt die inleidende beschikking;
  • bepaalt dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt;
  • veroordeelt de officier van justitie in de proceskosten van betrokkene van € 358,38.
Waarvan proces-verbaal,
mr. W.B. Jongsma, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Voetnoten

1.Instructie meting lichtdoorlatendheid (2015I002)
2.Artikel 4, onderdeel a, van de Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm.