De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 16 april 2026 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de PIJ-maatregel en het vaststellen van bijzondere voorwaarden tijdens de voorwaardelijke beëindiging van deze maatregel.
De veroordeelde, geboren in 2005, kreeg de PIJ-maatregel opgelegd wegens poging tot doodslag en afpersing. Sinds de oplegging in oktober 2022 is de maatregel meerdere malen verlengd. Uit het advies van de inrichting, het behandelteam, de reclassering en de deskundigen blijkt een positieve gedragsontwikkeling, met afname van normoverschrijdend gedrag en externaliserend gedrag. De veroordeelde heeft diverse therapieën succesvol afgerond en toont motivatie en inzet.
De reclassering en deskundigen adviseren de PIJ-maatregel voorwaardelijk te beëindigen onder strikte voorwaarden, waaronder behandeling, reclasseringstoezicht, begeleid wonen, verbod op middelengebruik en dagbesteding. De rechtbank volgt dit advies en wijst de verlengingsvordering af, waardoor de maatregel per direct voorwaardelijk eindigt voor de duur van een jaar met vastgestelde bijzondere voorwaarden.
De voorwaarden zijn gericht op het waarborgen van de veiligheid en het bevorderen van de verdere ontwikkeling van de veroordeelde. De rechtbank stelt vast dat de maatregel, behoudens verlenging, op 16 april 2027 onvoorwaardelijk zal eindigen.