ECLI:NL:RBNNE:2026:1643
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling definitieve berekening huurtoeslag met medebewoner in de BRP
Eiseres maakte bezwaar tegen de definitieve berekening van haar huurtoeslag over 2024, waarbij verweerder het verzamelinkomen inclusief dat van haar zoon, die op hetzelfde adres in de Basisregistratie Personen (BRP) stond ingeschreven, heeft meegenomen. Eiseres stelde dat haar zoon ten onrechte als toeslagpartner was aangemerkt en dat de terugvordering onterecht was.
De rechtbank oordeelt dat de wet voorschrijft dat een persoon die in de BRP op hetzelfde woonadres staat ingeschreven als medebewoner moet worden aangemerkt. Verweerder heeft het inkomen van de zoon correct meegenomen in de berekening, wat leidde tot een hogere definitieve inkomensvaststelling en een terugvordering van € 268,-. De vermeende fouten in de naamvermelding van de zoon zijn niet relevant voor de rechtmatigheid van het besluit.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat de terugvordering en definitieve berekening in stand blijven. Er is geen aanleiding voor matiging van het terugvorderingsbedrag en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding. Tevens wordt gewezen op de gevolgen van het bereiken van de leeftijd van 23 jaar door de zoon voor toekomstige berekeningen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de definitieve huurtoeslagberekening wordt ongegrond verklaard en de terugvordering blijft in stand.