ECLI:NL:RBNNE:2026:1236
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaar- of beroepschrift
Verzoekster heeft een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de Rechtbank Noord-Nederland. Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet bij een dergelijk verzoek een afschrift van het bezwaar- of beroepschrift en het besluit worden overgelegd. Verzoekster heeft dit niet gedaan.
De rechtbank heeft verzoekster bij brief verzocht dit verzuim binnen een week te herstellen en gewezen op de mogelijke niet-ontvankelijkheid van het verzoek. Verzoekster heeft binnen de gestelde termijn geen afschrift van het besluit of bezwaar- of beroepschrift overgelegd en geen reden voor het verzuim gegeven.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk en beoordeelt het verzoek niet inhoudelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. C.H. de Groot op 31 maart 2026.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van het bezwaar- of beroepschrift en het besluit.