ECLI:NL:RBNNE:2026:1179
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing dwangakkoord ondanks verweer over tijdelijke bewoning huurwoning
Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden waarbij preferente schuldeisers 8,88% en concurrente schuldeisers 4,44% van hun vorderingen ontvangen. Kredietbank Nederland stelt een saneringskrediet beschikbaar. Alle schuldeisers behalve één hebben ingestemd met het akkoord.
De schuldeiser die niet instemde, verweerde zich met het argument dat de huurwoning niet door verzoeker zelf wordt bewoond, maar tijdelijk door haar zoon. De rechtbank stelt dat een schuldeiser in beginsel vrij is om medewerking te weigeren, maar dat een bevel tot instemming slechts onder bijzondere omstandigheden kan worden gegeven.
De rechtbank weegt het belang van de schuldeiser tegen dat van verzoeker en overige schuldeisers. Gezien de gunstigere vooruitzichten bij aanvaarding van het akkoord en het ontbreken van voldoende draagkracht bij verzoeker, concludeert de rechtbank dat de schuldeiser in redelijkheid niet tot weigering kon komen.
De rechtbank beveelt de schuldeiser dan ook in te stemmen met het akkoord en verklaart het subsidiaire verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling als ingetrokken.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de schuldeiser in te stemmen met het dwangakkoord en wijst het verzoek tot vaststelling van het akkoord toe.