ECLI:NL:RBNNE:2026:1154
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tot opschorting ontruiming wegens niet tijdige huurbetaling
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd om de tenuitvoerlegging van een ontruimingsvonnis te verbieden, met het oog op het treffen van een minnelijke schuldregeling met schuldeisers. De rechtbank heeft eerder een tussenvonnis gewezen waarbij de ontruiming voorlopig werd verboden onder de voorwaarde dat de lopende huurverplichtingen werden nagekomen.
Tijdens de procedure bleek dat verzoeker de huur over januari 2026 niet volledig had voldaan, ondanks betaling van februari en maart. De schuldhulpverlener verklaarde dat een derde misbruik maakte van verzoekers pinpas, maar dat verzoeker inmiddels een andere bankrekening gebruikt. Verzoeker was niet verschenen bij de zitting om zijn situatie toe te lichten.
De verhuurder voerde aan dat de huur niet was betaald en dat verzoeker overlast veroorzaakte. De rechtbank oordeelde dat de voorwaarde uit het tussenvonnis niet was nagekomen en dat het belang van de verhuurder om te ontruimen zwaarder weegt dan het belang van verzoeker om een minnelijke regeling te treffen.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. De schuldhulpverlener handhaaft het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling, waarover bij afzonderlijk vonnis wordt beslist.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet tijdige betaling van de lopende huurtermijnen.