Uitspraak
[naam] B.V., uit [vestigingsplaats] , eiseres
Inleiding
Feiten
230’.
171’.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
Eiseres heeft voor twee voertuigen BPM-aangifte gedaan op basis van CO2-uitstootwaarden vermeld in Duitse en Bulgaarse kentekenbewijzen, die lager waren dan de WLTP-waarden in het Nederlandse kentekenregister van de RDW. De inspecteur legde naheffingsaanslagen op op basis van de hogere WLTP-waarden uit het RDW-register. Eiseres betwistte dit en stelde dat de buitenlandse kentekenbewijzen de juiste WLTP-waarden bevatten.
De rechtbank overwoog dat de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen voorschrijft dat de CO2-uitstoot wordt vastgesteld volgens ministeriële regeling en dat de Uitvoeringsregeling BPM bepaalt dat de vaststelling mede gebaseerd is op het kentekenregister. De inspecteur is daarom gehouden de gegevens uit het RDW-register te volgen. Als de waarden onjuist zijn, moet eiseres dit bij de RDW aankaarten.
De rechtbank concludeerde dat de naheffingsaanslagen terecht en niet te hoog zijn vastgesteld en verklaarde de beroepen ongegrond. Eiseres krijgt geen teruggaaf van griffierecht of proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter Praamstra op 18 maart 2025.
Uitkomst: De beroepen tegen de naheffingsaanslagen BPM worden ongegrond verklaard en de aanslagen blijven in stand.