ECLI:NL:RBNNE:2025:5836

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
10 december 2025
Publicatiedatum
4 februari 2026
Zaaknummer
11602211 BU VERZ 25-564
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 9 Wahv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging boete voor negeren geslotenverklaring eenrichtingsweg

Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het negeren van een geslotenverklaring (bord C2) op 7 juni 2024 in Groningen. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, dat door de officier van justitie ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 10 december 2025 gaf betrokkene aan telefonisch gehoord te willen worden en wilde hij uitleg geven over de onterecht geachte boete en de wijze van communicatie door de boa. De kantonrechter oordeelde dat de enkele verklaring onvoldoende was om de boete te wijzigen. Tevens was namens betrokkene afgezien van een hoorzitting, waardoor de officier van justitie niet verplicht was betrokkene uit te nodigen.

De kantonrechter stelde vast dat de procedure zich beperkt tot de vraag of de overtreding heeft plaatsgevonden en of de boete terecht is opgelegd. Klachten over de handelswijze van de politie vallen buiten deze procedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete bevestigd.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor het negeren van een geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard en de boete bevestigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 266978287
zaaknummer: 11602211 BU VERZ 25-564
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 10 december 2025
in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] .

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘een geslotenverklaring negeren (bord C2, eenrichtingsweg)’, verricht op 7 juni 2024, om 23:18 uur, op de Helper Brink in Groningen, in persoon. De opgelegde boete bedraagt € 189,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 10 december 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. M. Kalsbeek.
1.3.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Standpunten

2. Betrokkene voert aan dat hij telefonisch gehoord wou worden. Betrokkene kreeg toen echter te horen dat de zaak niet meer in behandeling was. Eerder heeft betrokkene aangegeven dat hij wil uitleggen dat de bekeuring onterecht is. Ook wil hij iets zeggen over de manier waarop de boa met hem sprak. Betrokkene geeft aan dat hij netjes heeft geparkeerd om met haar in gesprek te gaan.
3. De vertegenwoordigster is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.
Overwegingen
4. De kantonrechter ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de gegevens in het dossier. De enkele verklaring dat de boete onterecht is, is hiervoor onvoldoende. Vervolgens is de vraag of er feiten en omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een wijziging van de boete.
5. De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete te matigen of te vernietigen. Hierbij is van belang dat My Legal Consultancy namens betrokkene heeft afgezien van een hoorzitting. Daarom was de officier van justitie niet gehouden om betrokkene uit te nodigen voor een hoorzitting. De manier waarop betrokkene door de verbalisant is behandeld valt niet onder deze procedure. In deze procedure wordt alleen beoordeeld of de gedraging heeft plaatsgevonden en of hiervoor terecht een boete is opgelegd. [1] Voor zover betrokkene klachten heeft over de handelswijze van de politie kan hij daarover een klacht indienen bij de politie.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.F. Bruinenberg, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier.
griffier kantonrechter

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Voetnoten

1.Artikel 9 van Pro de Wahv.