In deze zaak heeft de Rechtbank Noord-Nederland op 18 december 2025 uitspraak gedaan in een kort geding tussen twee minderjarigen, waarbij eiseres een contactverbod vorderde tegen gedaagde. De zaak ontstond na een reeks bedreigingen en geweldsincidenten die via social media plaatsvonden. Eiseres, vertegenwoordigd door haar vader, vorderde dat gedaagde, ook een minderjarige, gedurende twee jaar geen contact meer met haar mocht opnemen, zowel online als offline. De rechtbank overwoog dat jonge mensen in een veilige omgeving moeten opgroeien en dat online haat en bedreigingen ernstige gevolgen kunnen hebben. De rechtbank stelde vast dat gedaagde zich had schuldig gemaakt aan onrechtmatig handelen door eiseres te bedreigen en te mishandelen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het contactverbod noodzakelijk was om eiseres te beschermen tegen verdere bedreigingen en geweld. Gedaagde had tijdens de zitting aangegeven akkoord te gaan met het contactverbod, maar vorderde ook dat eiseres in de proceskosten zou worden veroordeeld. De rechtbank wees het contactverbod toe en legde een dwangsom op van € 250,00 per overtreding, met een maximum van € 5.000,00. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten van eiseres, die in totaal € 1.369,45 bedroegen.