ECLI:NL:RBNNE:2025:5345
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Weigering van de beëindiging van de schuldsaneringsregeling van de schuldenares
In deze zaak heeft de Rechtbank Noord-Nederland op 5 december 2025 uitspraak gedaan in de schuldsaneringsregeling van de schuldenares, geboren in 1983. De rechtbank heeft eerder op 29 maart 2023 de schuldsaneringsregeling uitgesproken. De bewindvoerder heeft op 19 maart 2025 verslag uitgebracht over het verloop van de regeling, waarna de schuldenares op 27 april 2025 door de rechter-commissaris is gehoord. De bewindvoerder heeft de rechter-commissaris op 9 september 2025 geïnformeerd en voorgesteld de regeling tussentijds te beëindigen. De zaak is behandeld op zittingen op 10 oktober en 28 november 2025, waarbij de schuldenares en haar beschermingsbewindvoerder aanwezig waren, evenals haar partner.
De rechtbank heeft beoordeeld of de schuldenares haar verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling is nagekomen. Uit de verslagen bleek dat de schuldenares een achterstand van € 2.063,20 had in haar afdrachten aan de boedel en niet in staat was deze achterstand in te lopen. Haar partner heeft aangeboden deze achterstand middels een gift te voldoen. De rechtbank concludeert dat, hoewel de schuldenares tekort is geschoten in haar verplichtingen, er vooralsnog geen gevolgen aan verbonden worden. De rechtbank verwacht dat de schuldenares zich in de resterende periode van de regeling zal inspannen om aan haar verplichtingen te voldoen. De rechtbank wijst de voordracht tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling af.