ECLI:NL:RBNNE:2025:5196

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
22 oktober 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
11419646 BU VERZ 24-2770
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen opgelegde boete wegens snelheidsovertreding op basis van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften

In deze zaak heeft de kantonrechter op 22 oktober 2025 uitspraak gedaan over een beroep tegen een boete die aan de betrokkene was opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De boete van € 124,00 was opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 12 km per uur boven de toegestane snelheid op een weg buiten de bebouwde kom, gepleegd op 24 november 2023. De betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Hierna heeft de betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting was de gemachtigde van de betrokkene, mr. M. Lagas van Appjection B.V., aanwezig, evenals de vertegenwoordiger van de officier van justitie, mr. R. van der Velde. De gemachtigde voerde aan dat er geen bewijs was van de geldigheid van de meetapparatuur, omdat er geen ijkrapport aanwezig was. De kantonrechter heeft echter geoordeeld dat de verklaring van de verbalisant voldoende was om de verkeersovertreding vast te stellen, ondanks dat deze niet op ambtseed was afgelegd. De kantonrechter concludeerde dat de meting correct was uitgevoerd en dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de meting.

De kantonrechter heeft het beroep ongegrond verklaard, omdat de betrokkene onvoldoende concrete omstandigheden had aangevoerd die aanleiding gaven tot twijfel aan de meting. De kantonrechter heeft de argumenten van de gemachtigde niet overtuigend genoeg bevonden om de boete te matigen of te vernietigen. De uitspraak is gedaan door de kantonrechter V.A.G. van Dijk, met S.N. Noordenbos als griffier.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Assen
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 262679124
zaaknummer: 11419646 BU VERZ 24-2770

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van22 oktober 2025

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] ,
gemachtigde: mr. M. Lagas, Appjection B.V.

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘12 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten de bebouwde kom (verkeersbord A1)’, verricht op 24 november 2023, om 10:07 uur, op de Koningin Wilhelminalaan [huisnummer] in Frederiksoord, met een bedrijfsauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 124,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 22 oktober 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig als vertegenwoordiger van de officier van justitie, mr. R. van der Velde.
1.3
Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep mede aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Zij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom zij dat doet.
Standpunten
3. Gemachtigde stelt dat in het zaakoverzicht bewijs ontbreekt van de geldigheid van de apparatuur door middel van een ijkrapport. Betrokkene heeft aangevoerd dat het meetmiddel niet tijdig geijkt is, en dit wordt niet weerlegd door hetgeen zich in de stukken bevindt. In de zaak van het hof Arnhem-Leeuwarden bevatte het zaakoverzicht ook de datum waarop het meetmiddel geijkt was. [1] In onderhavig geval is hiervan geen sprake. Er kan dus niet met zekerheid worden gesteld dat de meting op de correcte wijze heeft plaatsgevonden. Verder stelt gemachtigde dat de meting niet zorgvuldig is uitgevoerd, omdat twijfel is ontstaan of er wel is voldaan aan de criteria uit de Concept regeling voorschriften meetmiddelen politie en de handleiding van de meetapparatuur. Op de foto lijkt het statief op een zacht ondergrond te zijn geplaatst, wat volgens de handleiding niet toegestaan is. Verder is de verklaring van de agent in het zaakoverzicht niet op ambtseed afgelegd, waardoor deze geen bijzondere bewijskracht toekomt. [2] Betrokkene stelt dat de gedraging niet is verricht, althans dat de omstandigheden van het geval het opleggen van een sanctie niet rechtvaardigen.
4. De vertegenwoordiger verzoekt dat het beroep ongegrond wordt verklaard. Zij stelt dat in deze zaak geen ijkrapport nodig is. Een ijkrapport is alleen nodig als er getwijfeld moet worden aan de ijking. Gemachtigde heeft onvoldoende twijfel opgeroepen. Het dossier is dus volledig. Verder is de meting op de voorgeschreven wijze verricht. Daarnaast staat op de flitsfoto ‘categorie B’. Dit betekent dat de meting is gedaan uit een niet bewegend punt. Het meetmiddel is dus ingebouwd in een dienstvoertuig. [3] Een meting verricht met een statief mag niet op een zachte ondergrond staan, maar in deze zaak is daar ook geen sprake van.
Overwegingen
5. Betrokkene betwist de gedraging. In zaken op grond van de Wahv is de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht in beginsel voldoende voor het vaststellen van de gedraging, tenzij concrete omstandigheden worden aangevoerd die aanleiding geven tot twijfel. Aan de verklaring van de verbalisant komt in deze zaak geen bijzondere bewijskracht toe, omdat deze niet op ambtseed is afgelegd. Dit neemt niet weg dat de vaststelling dat de verkeersovertreding is verricht ook op een niet-ambtsedige verklaring van een verbalisant kan worden gebaseerd. [4]
6. De verbalisant heeft verklaard dat de meting heeft plaatsgevonden met een geteste, geijkte en op de voorgeschreven wijze gebruikte snelheidsmeter. Het verweer van betrokkene geeft de kantonrechter geen aanleiding om te twijfelen aan de meting. Het enkel in twijfel trekken van de betrouwbaarheid van de meting is daarvoor onvoldoende. Het ijkrapport hoeft daarom ook niet in het dossier te zitten. [5]
7. De kantonrechter is van oordeel dat uit de beschikbare gegevens voldoende blijkt dat de verkeersovertreding is begaan. Als er bij een meting met de MultaRadar CT een foto is geproduceerd waarop een meetresultaat is vermeld dan heeft er een correcte meting plaatsgevonden en is de gemeten snelheid juist. [6] Verder is in het dossier opgenomen dat de meting is verricht door de MultaRadar CT. Op de foto staat ‘categorie B’, dit houdt in dat de meting vanuit een ingebouwd systeem in het dienstvoertuig is verricht. Een zachte ondergrond heeft alleen invloed op een MultaRadar CT wanneer er een statief wordt gebruikt. Dat is hier dus niet het geval. De kantonrechter ziet in de door gemachtigde aangevoerde omstandigheden ook geen aanleiding om de boete te matigen.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Waarvan proces-verbaal,
S.N. Noordenbos, griffier mr. V.A.G. van Dijk, kantonrechter

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Voetnoten

1.Hof Arnhem-Leeuwarden, 5 april 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:3187).
2.Hof Arnhem-Leeuwarden, 4 april 2017 (ECLI:NL:GHARL:2017:2855).
3.Hof Arnhem-Leeuwarden, 12 maart 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:2266).
4.Hof Arnhem-Leeuwarden, 18 oktober 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:8666).
5.Hof Arnhem-Leeuwarden, 19 april 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:3504).
6.Hof Arnhem-Leeuwarden, 12 maart 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:2266).