ECLI:NL:RBNNE:2025:5193
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- V.A.G. van Dijk
- M. Hidding
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke procedure inzake verkeersboete voor stilstaan op het trottoir
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Nederland op 22 oktober 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke procedure betreffende een opgelegde boete op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De betrokkene had een boete ontvangen voor het stilstaan op het trottoir op 11 december 2023 in Beilen. De opgelegde boete bedroeg € 119,00, inclusief administratiekosten. Betrokkene heeft tegen deze boete beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Hierop heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 22 oktober 2025 was de gemachtigde van de betrokkene aanwezig, evenals de vertegenwoordiger van de officier van justitie, mr. R. van der Velde. De kantonrechter heeft de beroepsgronden van betrokkene beoordeeld, waarbij betrokkene aanvoerde dat de pleeglocatie een p-zone was en dat de boete onterecht was opgelegd. De vertegenwoordiger van de officier van justitie betwistte dit en voerde aan dat betrokkene op het trottoir had geparkeerd, wat niet is toegestaan.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende was om de verkeersovertreding vast te stellen. De kantonrechter concludeerde dat de boete terecht was opgelegd, omdat betrokkene niet in een parkeervak stond en de verkeersborden niet had gerespecteerd. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de opgelegde boete.