ECLI:NL:RBNNE:2025:4768

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
19 september 2025
Publicatiedatum
21 november 2025
Zaaknummer
C/18/248179 KG RK 25-280
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
  • Th. A. Wiersma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArtikel 4 Wrakingsprotocol Rechtbank Noord-Nederland
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen wrakingskamer rechtbank

Verzoekster diende op 8 september 2025 een wrakingsverzoek in tegen de rechter die belast was met de behandeling van een faillissementsverzoek. Vervolgens heeft zij op 12 september 2025 een schriftelijk wrakingsverzoek ingediend tegen de leden van de wrakingskamer zelf. De voorzitter van de wrakingskamer beoordeelde dit verzoek op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en het Wrakingsprotocol van de Rechtbank Noord-Nederland.

De voorzitter overwoog dat het wrakingsverzoek niet gemotiveerd was, aangezien verzoekster enkel eerdere gronden herhaalde zonder concrete feiten of omstandigheden aan te voeren die de onpartijdigheid van de wrakingskamer zouden kunnen aantasten. Hierdoor voldeed het verzoek niet aan de wettelijke eisen voor wraking.

Op grond hiervan verklaarde de voorzitter het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en wees het verzoek af. Deze beslissing werd op 19 september 2025 in het openbaar uitgesproken en is niet vatbaar voor beroep of hoger beroep.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan motivatie.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Wrakingskamer
zaaknummer: C/18/248179 KG RK 25-280
Beslissing van 19 september 2025
van de voorzitter van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoekster]
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
verzoekster,
strekkende tot de wraking van
de leden van de wrakingskamer.

1.De procedure

1.1
Op 8 september 2025 heeft verzoekster een verzoek ingediend strekkende tot wraking van de rechter belast met de behandeling van het faillissementsverzoek met kenmerk [zaaknummer]. Dit wrakingsverzoek is geregistreerd onder het nummer [zaaknummer].
1.2
Op 12 september 2025, binnengekomen op de griffie van de rechtbank op 16 september 2025, heeft verzoekster een schriftelijk wrakingsverzoek ingediend. Hierbij heeft verzoekster de leden van de wrakingskamer gewraakt.

2.Het wrakingsverzoek

2.1
Het verzoek strekt tot wraking van de wrakingskamer van de Rechtbank Noord-
Nederland.

3.De beoordeling

3.1
Artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2
Op grond van artikel 4, tweede lid, aanhef en onder c, van het Wrakingsprotocol Rechtbank Noord-Nederland (vastgesteld op 4 april 2023) kan de wrakingskamer het verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting aanstonds ongegrond of niet-ontvankelijk verklaren indien het verzoek niet is gemotiveerd.
3.3
Naar het oordeel van de voorzitter van de wrakingskamer is geen sprake van een gemotiveerd wrakingsverzoek in de zin van de wet. Hiertoe overweegt de voorzitter dat verzoekster in het wrakingsverzoek de gronden waarop verzoekster de rechter in de faillissementsprocedure heeft gewraakt herhaalt, maar dat geen feiten of omstandigheden naar voren zijn gebracht waardoor volgens haar de rechterlijke onpartijdigheid van de leden van de wrakingskamer schade zou kunnen lijden. Gelet hierop verklaart de voorzitter van de wrakingskamer het verzoek tot wraking van verzoekster van 12 september 2025 van de leden van de wrakingskamer niet-ontvankelijk.

4.De beslissing

De voorzitter van de wrakingskamer verklaart het verzoek van 12 september 2025 van verzoekster niet-ontvankelijk.
Deze beslissing is gegeven door mr. Th. A. Wiersma, voorzitter, in tegenwoordigheid van de griffier mr. S.I. Havinga en in openbaar uitgesproken op 19 september 2025.
de griffier de voorzitter
(de griffier is verhinderd deze beslissing
mede te ondertekenen)
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.