Op 1 oktober 2025 heeft de Rechtbank Noord-Nederland een vonnis uitgesproken in een faillissementszaak waarbij verzoeker een dwangakkoord heeft aangevraagd. Verzoeker, geboren in 1966, heeft op 22 augustus 2025 een verzoekschrift ingediend tot toelating tot de schuldsaneringsregeling en tot vaststelling van een dwangakkoord op basis van artikel 287a van de Faillissementswet. De schuldeiser, vertegenwoordigd door IJzerman Gerechtsdeurwaarders, heeft op 16 september 2025 een verweerschrift ingediend en zich verzet tegen het aanbod van verzoeker. Tijdens de zitting op 17 september 2025 was verzoeker aanwezig met zijn schuldhulpverlener. Verzoeker had een schuldregeling aangeboden waarbij hij gedurende 18 maanden zijn afloscapaciteit zou sparen. De Belastingdienst heeft niet gereageerd op het aanbod.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de schuldeisers niet ter zitting zijn verschenen om hun standpunten te verdedigen. De rechtbank overweegt dat het een schuldeiser vrij staat om zijn medewerking aan een schuldregeling te weigeren, maar dat er onder bijzondere omstandigheden een bevel tot instemming kan worden gegeven. De rechtbank heeft de inhoud van het akkoord vergeleken met de situatie waarin verzoeker zou worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank concludeert dat de vooruitzichten voor de schuldeisers bij aanvaarding van het akkoord gunstiger zijn dan bij verwerping, en dat verzoeker belang heeft bij de aanvaarding van de schuldregeling.
De rechtbank heeft ook overwogen dat het aspect van goeder trouw vooral relevant is voor de beoordeling van het subsidiaire verzoek tot toelating tot de WSNP. De rechtbank heeft geoordeeld dat verzoeker voldoende uitleg heeft gegeven over de besteding van de overwaarde van zijn woning en dat de vordering van de schuldeiser buiten de termijn van drie jaar valt die in de Faillissementswet is opgenomen. Daarom heeft de rechtbank het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord toegewezen en de schuldeisers bevolen in te stemmen met de schuldregeling. Het subsidiaire verzoek tot toelating tot de WSNP is als ingetrokken beschouwd.