ECLI:NL:RBNNE:2025:4230

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
17 oktober 2025
Publicatiedatum
17 oktober 2025
Zaaknummer
18.341152.23
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Integrale vrijspraak voor afpersing in vereniging en medeplegen diefstal met geweld

De rechtbank Noord-Nederland heeft op 17 oktober 2025 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte die werd verdacht van afpersing in vereniging en medeplegen van diefstal met geweld, gepleegd op of omstreeks 14 november 2022 in Stadskanaal en Groningen.

De officier van justitie vorderde veroordeling op basis van verklaringen dat verdachte en medeverdachten aangever hadden bedreigd en gedwongen tot afgifte van een Apple Watch en iPhone, die later te koop werden aangeboden. De verdediging betoogde dat verdachte vrijgesproken moest worden.

De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om wettig en overtuigend vast te stellen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan de ten laste gelegde feiten. De verklaringen van aangever werden niet ondersteund door andere bewijsmiddelen, en er waren meerdere scenario's mogelijk, waaronder vrijwillige afgifte van de goederen.

Daarnaast werd de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij afgewezen wegens het ontbreken van bewezen feiten die schade veroorzaakten. De rechtbank sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van afpersing in vereniging en medeplegen van diefstal met geweld wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht
Locatie Groningen
parketnummer 18.341152.23
Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 17 oktober 2025 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres]
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 3 oktober 2025. Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. G. Meijer, advocaat te Veendam.
Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. T. Pitstra.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 14 november 2022 te Stadskanaal, en/of te Groningen, althans op de route van Stadskanaal naar Groningen en/of vice versa, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een Applewatch en/of een Iphone, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] en/of een derde toebehoorde(n) door
-aan te bellen bij de woning en/of verblijfplaats van die [slachtoffer] en die [slachtoffer] mee te lokken en/of te zeggen tegen die [slachtoffer] dat hij mee naar buiten moet lopen en/of
-daarbij te zeggen dat die [slachtoffer] een schuld heeft (van €250, dan wel €600 a €800,-) en/of zijn Apple Watch en/of telefoon dan maar moet verkopen en/of
-die [slachtoffer] om geld te vragen, dan wel geld te eisen, wat aan [slachtoffer] was betaald (verband houdende met het vervoer en/of de uitvoer en/of het bezit van verdovende middelen) en/of
-die [slachtoffer] in de woning (in de hal) en/of bij de auto op te wachten met één of meerdere (ongeveer 4) perso(o)n(en) en/of
-die [slachtoffer] in een auto te laten stappen met één of meerdere (ongeveer 4) perso(o)n(en) en/of
-met die [slachtoffer] in de auto te gaan rijden en/of (tijdens het rijden) die [slachtoffer] zijn Applewatch en/of Iphone af te laten geven en/of te laten inleveren en/of af te pakken en/of
- die [slachtoffer] (daarbij) te dreigen zijn ouders en/of zijn zus wat te zullen aandoen en/of (aldus) een (be)dreigende sfeer op te roepen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 14 november 2022 te Stadskanaal, en/of te Groningen, althans op de route van Stadskanaal naar Groningen en/of vice versa, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een applewatch en/of een iphone, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op
heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
-aan te bellen bij de woning en/of verblijfplaats van die [slachtoffer] en die [slachtoffer] mee te lokken en/of te zeggen tegen die [slachtoffer] dat hij mee naar buiten moet lopen en/of
-daarbij te zeggen dat die [slachtoffer] een schuld heeft (van €250, dan wel €600 a €800,-) en/of zijn Apple Watch en/of telefoon dan maar moet verkopen en/of
-die [slachtoffer] om geld te vragen, dan wel geld te eisen, wat aan [slachtoffer] was betaald (verband houdende met het vervoer en/of de uitvoer en/of het bezit van verdovende middelen) en/of
-die [slachtoffer] in de woning (in de hal) en/of bij de auto op te wachten met één of meerdere (ongeveer 4) perso(o)n(en) en/of
-die [slachtoffer] in een auto te laten stappen met één of meerdere (ongeveer 4) perso(o)n(en) en/of
-met die [slachtoffer] in de auto te gaan rijden en/of (tijdens het rijden) die [slachtoffer] zijn Applewatch en/of Iphone af te laten geven en/of te laten inleveren en/of af te pakken en/of
- die [slachtoffer] (daarbij) te dreigen zijn ouders en/of zijn zus wat te zullen aandoen en/of (aldus) een (be)dreigende sfeer op te roepen.

Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft veroordeling gevorderd voor het primair ten laste gelegd feit. Zij heeft daartoe aangevoerd dat uit het dossier blijkt dat aangever in de auto door de verdachte en medeverdachten is bedreigd en dat van aangever werd geëist dat hij een schuld zou aflossen. Hij moest daartoe zijn iPhone en Apple Watch inleveren, die later in een telefoonwinkel in Groningen ter verkoop zijn aangeboden. Volgens de officier is sprake van afpersing in vereniging, nu de verdachten gezamenlijk hebben gehandeld en ieder een wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan het onder druk zetten en afnemen van de goederen van de aangever.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het primair en subsidiair ten laste gelegde.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank acht het onder 1 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte hiervan zal worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt hiertoe het volgende.
De rechtbank is – anders dan de officier van justitie – van oordeel dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van afpersing of diefstal met geweld. De rechtbank oordeelt dat de verklaringen die aangever ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde tegenover de politie heeft afgelegd onvoldoende ondersteund wordt door andere bewijsmiddelen in het dossier. Ten eerste is het voor de rechtbank niet vast te stellen of sprake is geweest van geweld of bedreiging met geweld. De bedreigingen in de auto waarover verdachte verklaard heeft, worden door de andere inzittenden van de auto ontkend. Andere personen die de bedreigingen hebben gehoord zijn er niet. Daarnaast zijn er weliswaar door meerdere getuigen tijdens de autorit en na afloop van de autorit emoties waargenomen bij aangever, maar naar het oordeel van de rechtbank is niet met zekerheid vast te stellen of die emoties in verband staan met geuite bedreigingen. Ten tweede is niet buiten redelijke twijfel komen vast te staan dat aangever gedwongen is geweest zijn telefoon af te geven of dat die telefoon is weggenomen. Het dossier laat op dit punt meerdere, niet uit te sluiten scenario’s open, waaronder het scenario dat verdachte en zijn medeverdachten hebben geschetst en waarin aangever vrijwillig zijn telefoon heeft afgegeven om een schuld in te lossen. De rechtbank heeft bij het voorgaande betrokken dat aangever wisselend verklaart over de gang van zaken rondom de beweerde ontvoering. Nu het voor de rechtbank onduidelijk is gebleven wat zich precies heeft voorgedaan op
14 november 2022, zal de rechtbank de verdachte vrijspreken van zowel het primair als het subsidiair ten laste gelegde.

Benadeelde partij

[slachtoffer] heeft zich als benadeelde partij in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 1377,50 ter vergoeding van materiële schade en € 1500,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering moet worden verklaard vanwege de verzochte vrijspraak.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank acht het feit niet bewezen waaruit de schade zou zijn ontstaan. De benadeelde partij zal daarom niet ontvankelijk worden verklaard in de vordering.

Uitspraak

De rechtbank

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte primair en subsidiair is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.L.M.J.A. Janssens, voorzitter, mr. A. Nieuwenhuis en mr. C. Krijger, rechters, bijgestaan door mr. M. Raven, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 oktober 2025.
Mrs. A. Nieuwenhuis en C. Krijger zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.