Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
- het schriftelijke wrakingsverzoek van 3 oktober 2025
- de schriftelijke reactie van de rechter van 3 oktober 2025
- de beschikking van de rechter-commissaris d.d. 2 oktober 2025
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
De wrakingskamer van de rechtbank Noord-Nederland behandelde het verzoek tot wraking van de rechter-commissaris mr. K. Post, belast met strafzaken. Verzoeker stelde dat de rechter-commissaris de schijn van partijdigheid had gewekt door zijn beslissing om een getuige niet te horen, waarbij volgens verzoeker ten onrechte het criterium van redelijke termijn werd meegewogen en het belang van de verdediging werd miskend.
De rechter-commissaris had op basis van medische informatie geoordeeld dat het horen van de getuige het welzijn van deze zou schaden en dat dit gevaar niet kon worden weggenomen. Dit werd afgewogen tegen het belang van de verdediging. De wrakingskamer oordeelde dat deze beslissing niet onbegrijpelijk was en geen aanwijzing gaf voor vooringenomenheid of partijdigheid.
De wrakingskamer benadrukte dat het wrakingsverzoek niet mag dienen als verkapt middel tegen onwelgevallige procesbeslissingen en dat de hoge drempel voor het aannemen van vooringenomenheid niet werd gehaald. De procedure wordt voortgezet en het wrakingsverzoek is kennelijk ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is kennelijk ongegrond verklaard en de procedure wordt voortgezet.