ECLI:NL:RBNNE:2025:2580
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Knuttel
- Rechtspraak.nl
Intrekking last onder dwangsom voor erfafscheiding niet in strijd met vertrouwensbeginsel
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft de intrekking van een last onder dwangsom die was opgelegd aan een buurman wegens het bouwen van een erfafscheiding zonder vereiste omgevingsvergunning. Eiser, wonende naast het perceel, was het niet eens met deze intrekking en stelde dat het college in strijd met het vertrouwensbeginsel had gehandeld door af te zien van handhaving.
De rechtbank overwoog dat tussen het opleggen van de last onder dwangsom en de vergunningverlening ruim een jaar en negen maanden was verstreken. Gedurende deze periode verkeerde eiser in de veronderstelling dat handhaving zou plaatsvinden, maar het college had hem niet geïnformeerd over overleg met de buurman over vergunningverlening. Hoewel deze handelwijze niet fraai was, wekte dit geen vertrouwen dat handhavend zou worden opgetreden, mede omdat ook de buurman bezwaar had gemaakt tegen de last.
De rechtbank concludeerde dat het college de last onder dwangsom terecht had ingetrokken omdat inmiddels een vergunning was verleend en de overtreding was beëindigd. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard, waardoor de intrekking bleef staan en eiser geen proceskostenvergoeding kreeg.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en de intrekking blijft gehandhaafd.