Uitspraak
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
een jeugddetentie voor de duur van 316 dagen met aftrek.
300 dagenniet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op 2 jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- dat de veroordeelde onderwijs volgt volgens rooster en/of een andere dagbesteding heeft;
- dat de veroordeelde medewerking verleent aan de door de jeugdreclassering geïndiceerde
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het jeugdreclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de jeugdreclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht, daaronder
Een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 150 uren.
Heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.
[slachtoffer]te betalen:
- het bedrag van 2.114,07 (zegge: tweeduizend honderdveertien euro en zeven eurocent);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 30 september 2024 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.