ECLI:NL:RBNNE:2025:2081
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tijdelijke voogdij wegens onvoldoende feiten en bevoegdheid
Nidos verzocht de rechtbank Noord-Nederland om benoeming als (tijdelijke) voogd over een minderjarige betrokkene op grond van artikel 1:253q/r BW. Het verzoekschrift bevatte onvoldoende concrete feiten om de bevoegdheid van de rechtbank aan te nemen en om de noodzaak van een voogdijmaatregel vast te stellen.
De rechtbank oordeelde dat het enkel vermelden van een verblijf in een asielzoekerscentrum in Ter Apel onvoldoende is om een bestendige verblijfplaats aan te nemen, mede omdat minderjarige asielzoekers doorgaans snel elders worden ondergebracht. Daarnaast waren de feiten onvoldoende om te concluderen dat er sprake is van een gezagsvacuüm dat een ingrijpende voogdijmaatregel rechtvaardigt.
De rechtbank benadrukte dat alleen zeer uitzonderlijke omstandigheden een dergelijke maatregel kunnen rechtvaardigen, omdat dit het gezag van de ouders schorst. Nidos werd daarom bevolen haar stellingen nader toe te lichten binnen vier weken, zonder uitstel, en gewezen op de mogelijkheid lichtere maatregelen te overwegen zoals voorlopige voogdij via de Raad voor de Kinderbescherming.
De beschikking werd gegeven door een meervoudige kamer en uitgesproken op 27 mei 2025.
Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van Nidos als tijdelijke voogd wordt afgewezen wegens onvoldoende feiten over bevoegdheid en noodzaak.