ECLI:NL:RBNNE:2025:1836
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van opzet op bezit van lachgas en medeplichtigheid
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bezit van 669 flessen lachgas en medeplichtigheid daaraan in de periode van 14 tot en met 29 maart 2024 te Emmen. Verdachte werd ervan verdacht opzettelijk lachgas te hebben bereid, bewerkt, verkocht, vervoerd of aanwezig te hebben gehad.
Tijdens de zitting verklaarde verdachte dat hij bij de politie had aangegeven lachgas in te voeren omdat dat de verdenking was, maar de rechtbank kon niet vaststellen dat verdachte wist van het bezit van lachgasflessen in het voertuig of de garagebox. De korte aanwezigheid van verdachte in de garagebox en het ontbreken van andere aanwijzingen maakten dat opzet niet bewezen kon worden.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van zowel het grondfeit als de subsidiaire medeplichtigheid. Tevens werd het in beslag genomen geldbedrag van 1.010 euro aan verdachte teruggegeven omdat het verband met het feit ontbrak.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 15 mei 2025 na onderzoek ter terechtzitting op 1 mei 2025.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor opzet op bezit van lachgas en medeplichtigheid.