Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
,uit [woonplaats 2], verzoekster 2,
[naam 3],uit [woonplaats 3] (vergunninghouder)
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoeksters hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Achtkarspelen om een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een woning met vrijstaande berging/carport op twee percelen zonder bouwvlak. De vergunning is verleend met toepassing van de uitgebreide voorbereidingsprocedure en een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er wel sprake is van spoedeisend belang, omdat de vergunninghouder al is gestart met voorbereidende bouwwerkzaamheden. Echter, het verzoek wordt afgewezen omdat de aangevoerde gronden onvoldoende zijn om de vergunning voorlopig te schorsen. De rechter stelt vast dat de locatie en het bouwplan voldoende duidelijk zijn, dat er geen verplichting tot participatie bestaat, en dat de ruimtelijke onderbouwing geen onaanvaardbare aantasting van beschermde landschappelijke waarden oplevert.
Verder is er onzekerheid over de landschappelijke inpassing vanwege een mogelijke privaatrechtelijke belemmering, maar dit wordt niet als evident beschouwd. Wateroverlast en de status van de toegangsweg worden eveneens besproken, waarbij geen aanleiding is gevonden om de vergunning te schorsen. Ook de toetsing aan provinciaal en gemeentelijk beleid, het Bouwbesluit 2012, de Bouwverordening en redelijke eisen van welstand leiden niet tot een ander voorlopig oordeel.
De voorzieningenrechter benadrukt dat de vergunninghouder op eigen risico bouwt en dat de bodemprocedure nog loopt. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen en de omgevingsvergunning blijft van kracht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de omgevingsvergunning blijft van kracht.