ECLI:NL:RBNNE:2025:1043
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging ondertoezichtstelling wegens ontbreken jeugdbeschermer
De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige voor één jaar. De kinderrechter constateerde dat sinds juli 2024 geen jeugdbeschermer aan het gezin was gekoppeld en dat dit ook niet binnen afzienbare tijd verwacht werd. Volgens de Jeugdwet is een jeugdbeschermer essentieel voor de uitvoering van de wettelijke taken van een ondertoezichtstelling, zoals het opstellen en evalueren van het hulpverleningsplan en het houden van toezicht.
De kinderrechter stelde vast dat de uitvoering van de ondertoezichtstelling zonder een vaste jeugdbeschermer niet op de wet kan worden gegrond en inhoudsloos is. Daarnaast bleek tijdens de mondelinge behandeling dat de ouders recentelijk uit elkaar waren gegaan, wat niet tijdig was vastgesteld in het verzoekschrift. Hoewel de ontwikkeling van de minderjarige nog steeds ernstig wordt bedreigd, is niet gebleken dat de ouders de noodzakelijke zorg niet accepteren of benutten.
Daarom werd het verzoek tot verlenging afgewezen op grond van artikel 8 lid 2 EVRM Pro en de wettelijke vereisten voor een ondertoezichtstelling. De kinderrechter benadrukte het belang van een vaste vertrouwenspersoon voor het kind en zijn ouders. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgesteld op 20 maart 2025.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt afgewezen wegens het ontbreken van een gekoppelde jeugdbeschermer.