ECLI:NL:RBNNE:2024:4468
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en ontzegging omgang wegens psychische problematiek vader
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 27 september 2024 uitspraak gedaan in een zaak waarin de moeder verzocht om beëindiging van het gezamenlijk gezag over hun minderjarige kinderen en ontzegging van het omgangsrecht aan de vader. De vader kampt met ernstige psychische problemen, waaronder een bipolaire stoornis en meerdere psychoses, die hebben geleid tot een incident in januari 2024 waarbij de kinderen getuige waren en sindsdien angstig zijn.
De moeder heeft het verzoek onderbouwd met medische en hulpverleningsrapporten en stelde dat de vader momenteel niet in staat is het gezag uit te oefenen en omgang schadelijk is voor de kinderen. De vader heeft een referteverklaring ondertekend waarin hij geen verzet maakt tegen het verzoek, maar was niet verschenen bij de zitting. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde om het gezag aan de moeder toe te wijzen en het KOPP-traject voor de kinderen te starten.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van een relevante wijziging van omstandigheden en dat het belang van de kinderen vereist dat het gezag aan de moeder wordt toegekend. Tevens werd het omgangsrecht aan de vader ontzegd voor de duur van zes maanden, gekoppeld aan de maximale duur van een eerste zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het verzoek tot meer of andersluidende voorzieningen werd afgewezen.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd, het gezag wordt aan de moeder toegekend en de vader wordt het omgangsrecht ontzegd voor zes maanden.