ECLI:NL:RBNNE:2024:4367
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslag erfbelasting en toepassing vrijstelling
Eiser was inwonend bij zijn moeder die in 2020 overleed. Na haar overlijden kreeg hij een erfenis van €60.945. De inspecteur legde een erfbelastingaanslag op waarbij de vrijstelling voor kinderen van €20.946 werd toegepast, waardoor de belaste verkrijging €39.999 bedroeg.
Eiser stelde dat hij recht had op een hogere vrijstelling op grond van vervallen wetgeving, zoals de samenwoonvrijstelling en de partnervrijstelling voor mantelzorgers, en dat de wetgever een vervangende regeling had moeten treffen. Hij verzocht de rechtbank om deze hogere vrijstelling alsnog toe te passen.
De rechtbank oordeelde dat zij niet bevoegd is om vervallen wetgeving toe te passen en dat de wetgever niet verplicht was overgangsrecht te regelen. De aanslag werd daarom als juist bevestigd en het beroep ongegrond verklaard. Eiser kreeg het griffierecht niet terug en werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag erfbelasting is ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.