Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
De door verdachte ter zitting van 28 maart 2024 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend:
Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 29 juli 2023, opgenomen oppagina 20 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer NN2R023096 van 2 december 2023, inhoudend als verklaring van [slachtoffer] :
Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor aangever van 29 augustus 2023,opgenomen op pagina 31 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van [slachtoffer] :
Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 11 augustus 2023,opgenomen op pagina 64 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van [verbalisant] :
Veroordeelt verdachte tot: een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden
een gedeelte, groot 6 maandenniet zal worden ten uitvoer
- het bedrag van 1.500,- bestaande uit materiële schade (zegge: duizend vijfhonderd euro), en bepaaltdat deze betalingsverplichting hoofdelijk wordt opgelegd, met dien verstande dat als een mededader betaalt, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd;
- het bedrag van 2.000,- aan immateriële schade (zegge: tweeduizend euro);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 29 juli 2023 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging vandeze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.