Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
- de tuigagekeuring van dat vaartuig/zeilschip heeft laten verlopen en/of niet tijdig een tuigagekeuringheeft laten uitvoeren, en/of
- met dat vaartuig/zeilschip is gaan varen, terwijl de giek (mede gelet op de brancherichtlijn voorrondhouten en de verrotting van het hout) ondeugdelijk was en het bewijs van tuigagekeuring was verlopen, waardoor het aan zijn schuld te wijten is geweest dat die giek in zodanige staat verkeerde dat die giek tijdens een gijp is gebroken en boven op (het hoofd) van [slachtoffer] terecht is gekomen, waardoor zij zodanig letsel, te weten een schedelbreuk, heeft opgelopen en aan de gevolgen daarvan is overleden;
- de tuigagekeuring van dat vaartuig/zeilschip laten verlopen en/of niet tijdig een tuigagekeuring latenuitvoeren, en/of
- met dat vaartuig/zeilschip gaan varen, terwijl de giek (mede gelet op de brancherichtlijn voor rondhoutenen de verrotting van het hout) ondeugdelijk was en het bewijs van tuigagekeuring was verlopen, ten gevolge waarvan die voornoemde giek in zodanige staat verkeerde dat die giek tijdens een gijp is gebroken en boven op (het hoofd) van [slachtoffer] terecht is gekomen, terwijl door dit feit die [slachtoffer] zodanig letsel, te weten een schedelbreuk, heeft opgelopen en aan de gevolgen daarvan is overleden.
- het nalaten om de giek voldoende te controleren en te onderhouden;
- het laten verlopen van de tuigagekeuring;
- het varen met het schip terwijl de giek ondeugdelijk was en het bewijs van tuigagekeuring was verlopen.
- heeft nagelaten te controleren of de giek van dat zeilschip nog in deugdelijke staat verkeerde, door niet ofonvoldoende te constateren dat de giek is gaan rotten en
- de tuigagekeuring van dat zeilschip heeft laten verlopen en niet tijdig een tuigagekeuring heeft latenuitvoeren en
- met dat zeilschip is gaan varen, terwijl de giek ondeugdelijk was en het bewijs van tuigagekeuring wasverlopen, waardoor het aan zijn schuld te wijten is geweest dat die giek in zodanige staat verkeerde dat die giek tijdens een gijp is gebroken en boven op het hoofd van [slachtoffer] terecht is gekomen, waardoor zij zodanig letsel, te weten een schedelbreuk, heeft opgelopen en aan de gevolgen daarvan is overleden.