ECLI:NL:RBNNE:2023:3568
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom ligplaats vissersschip
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen een last onder dwangsom die hem is opgelegd vanwege het niet verwijderen van zijn vissersschip uit de haven van Makkum. De last is gebaseerd op overtreding van artikel 2.2 van de Havenverordening. Eerder heeft de voorzieningenrechter op 31 mei 2023 een vrijwel gelijk verzoek afgewezen, waarbij werd geoordeeld dat de overtreding aannemelijk was en geen aanleiding bestond om de verordening buiten toepassing te laten.
Verzoeker stelde dat de belangenafweging onjuist was, dat het handhavend optreden onevenredig was en dat sprake was van strijd met het gelijkheidsbeginsel. De voorzieningenrechter overwoog dat deze gronden reeds uitvoerig waren behandeld in de eerdere uitspraak en dat er geen relevante nieuwe feiten of omstandigheden waren die een ander oordeel rechtvaardigen.
De bezwaarprocedure tegen het primaire besluit leidde tot een verlenging van de begunstigingstermijn tot 13 september 2023, maar het bestreden besluit handhaafde de last onder dwangsom. De voorzieningenrechter concludeerde dat het verzoek kennelijk ongegrond was en wees het af zonder zitting. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan nieuwe relevante omstandigheden.