ECLI:NL:RBNNE:2023:3353
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op 29.462 euro
De officier van justitie vorderde op 19 juli 2023 ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van €52.673 van de veroordeelde. Tijdens de terechtzitting van 3 augustus 2023 stelde de raadsman dat het bedrag gematigd moest worden tot €29.462 vanwege kostenposten die volgens hem niet terecht waren meegenomen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op het ontnemingsrapport en financieel onderzoek van 25 mei 2023, waarbij het voordeel werd berekend aan de hand van contante uitgaven en legale inkomsten. De rechtbank achtte aannemelijk dat de veroordeelde in een studio zonder tuin woonde met een inboedel van geringe waarde en dat de drugs die hij had aangetroffen op de pof waren verkregen, een gebruikelijke handelswijze in het drugscircuit.
De rechtbank liet daarom de posten voor inboedel, huis en tuin en de aankoop van gevonden drugs buiten beschouwing. Uiteindelijk werd het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €29.462. De veroordeelde werd verplicht dit bedrag aan de staat te betalen, met een maximale gijzelingstermijn van 589 dagen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland op 17 augustus 2023.
Uitkomst: De veroordeelde is verplicht tot betaling van €29.462 aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.