Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[de minderjarige],
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De verzoeken van de man
4.De standpunten van partijen en de beoordeling daarvan
5.Beslissing
Arnhem-Leeuwarden.
Rechtbank Noord-Nederland
De man verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor de erkenning van zijn dochter, gezamenlijk ouderlijk gezag en het vaststellen van een omgangsregeling. De vrouw betwistte het verzoek en stelde dat de man geen vaderrol heeft vervuld, haar stalkte en er sprake is van een onveilige situatie voor haar en de minderjarige.
De bijzondere curator erkende het belang van het kind bij het kennen van haar biologische vader en adviseerde toewijzing van het verzoek. De Raad voor de Kinderbescherming benadrukte het belang van juridische erkenning maar miste een gesprek met de man.
De rechtbank oordeelde dat het Spaanse recht van toepassing is op de erkenning en Nederlands recht op de toestemming van de moeder. De rechtbank stelde vast dat de man de vrouw stalkt, financiële problemen veroorzaakt en dat er een reëel risico is dat erkenning de stabiele opvoedsituatie schaadt.
Omdat erkenning werd afgewezen, kon de man niet met gezag worden belast. Wel was er sprake van een nauwe persoonlijke betrekking tussen man en kind, waardoor hij ontvankelijk was in het verzoek tot omgang. De rechtbank vond echter dat omgang op dit moment niet in het belang van het kind is vanwege de instabiele situatie en de gedragingen van de man.
De rechtbank wees daarom alle verzoeken af en beëindigde de taak van de bijzondere curator.
Uitkomst: Alle verzoeken van de man tot erkenning, gezamenlijk gezag en omgangsregeling worden afgewezen vanwege risico's voor het welzijn van de minderjarige.