Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
(...)
Wij liepen hierop weg en ik zag dat de groep achter ons aan liep. Op een gegeven moment haalde ze ons in en ik hoorde het meisje zeggen, “Waarom lopen jullie achter ons aan” en kort hierop probeerde het meisje mij te slaan. Ik heb dit meisje hierop een schop tegen haar gezicht gegeven. Dit gebeurde bij het verkeerslicht bij de [bedrijf] . Hierna hebben wij gevochten met de hele groep. Ik kreeg klappen op mijn hoofd. Het was een groep van 15 a 17 jongeren.
Wij zijn hierop in de richting van de [bedrijf] gelopen, de groep liep achter ons en stond nu bij de [bedrijf] .
Hierop kwam er een jongen naar ons toe en die zei tegen mij “Weet je wie je net geslagen hebt, dat was mijn nichtje”. Dit was voor de [bedrijf] .
Ik zei tegen hem als hij wilde vechten dat dat kon maar dan wel man tegen man. [Naam] , ik en meerdere van die andere jongens zijn toen naar de Action gelopen via [adres] . Bij de Action toen we hier stonden stond de jongen die bij de [bedrijf] met mij sprak voor mij en pakte ineens iets uit zijn tasje. Ik dacht eerst dat het een mes was ik deinsde hierop iets naar achter, maar het bleek een pistool te zijn en hij schoot direct op mij. Ik heb het pistool niet gezien. Het ging heel snel. Hij rende hierop gelijk weg.
Ik kan de persoon welke op mij schoot als volgt omschrijven:
Hij droeg een zwart T-shirt met lange mouwen, met een zwarte trainingsbroek. Ik denk dat het een pak was van een bekend sportmerk zoals Adidas, Puma of Nike ofzo ik weet niet wat voor merk het was. Hij droeg een zwart tasje bij zich, waarin het wapen zat, dit betreft een soort vierkant schoudertasje. De persoon was licht bruin van huidskleur en had kort haar.
Bij het nog een keer onderzoeken van de veiliggestelde gegevens van de onder verdachte [verdachte] inbeslaggenomen telefoon van het merk Xiaomi (goednummer PL0100-2022234578-66/1535669) werd bovenstaande foto aangetroffen.
Links op deze foto staat het slachtoffer, [slachtoffer] , van het schietincident in het centrum van Assen , op maandagavond, 5 september 2022.
Deze foto herkende ik als dezelfde foto die ook was aangetroffen op de inbeslaggenomen telefoon van getuige [Naam] . Die foto werd op 5 september 2022, om 22:06:02 uur (UTC+1), gemaakt voor de Prins [bedrijf] in de [adres] te Assen .
Achternaam : [slachtoffer]
Geboren : [geboorte datum]
Geboorteplaats : [plaats]
A. Uitwendig waargenomen letsel: (Schot?)wonden
intrede: Li naast navel
uittrede: Li naast bekken kam (crista iliaca) met breuk bekkenkam
Er is sprake van gering uitwendig bloedverlies.
Er is vermoeden van niet uitwendig waarneembaar letsel
Er is vermoeden van inwendig bloedverlies
Datum waarop voornoemde persoon werd onderzocht is 5 september 2022
Overige van belang zijnde informatie:
Laparotomie: letsel dunnedarm
Geschatte duur van de genezing: weken - maanden
Ik zag dat de vier jongens achteruit liepen en dat de grotere groep op ze af bleef lopen. Toen de hele groep ter hoogte van het beeld was, zag ik dat één van de jongens uit de grotere groep, één van de vier andere jongens aanviel. Deze jongen die aanviel kwam een beetje van achteren uit de groep. Ik hoorde dat daarbij steeds harder geschreeuwd werd. Ik zag deze jongen niets in zijn handen had toen hij andere jongen aanviel. Ik zag dus dat jongen op de andere jongen afging en hem alleen fysiek aanviel. Ik zag dat de jongen die werd aangevallen door de andere jongen geduwd werd en naar achteren bewoog. Ik zag dat de jongen, die werd aangevallen, vervolgens een voorwerp uit zijn kleding pakte.
Ik kon niet goed zien wat voor een voorwerp dit was en waar hij dit vandaan haalde. Ik zag wel dat dat dit een donkergekleurd voorwerp was.
Ik zag dat de jongen het voorwerp met zijn rechterhand pakte. Ik zag dat hij de arm waarmee hij het voorwerp vasthad, strekte en zijn hand richtte op zijn aanvaller. Direct daarop hoorde ik een harde knal. Ik zag dat de jongen het voorwerp nog even gericht voor zich hield in de richting van de grotere groep. Het viel mij op dat het daarna heel stil was. Ik zag ook geen reactie uit de grotere groep. Het leek wel alsof groep even bevroren was. Het viel mij op dat er ook niemand uit de grotere groep op de grond viel. Ik zag dat de vier jongens, waaronder de jongen die gericht had, zich omdraaiden en vervolgens weg renden, vanuit ons gezien naar rechts.
Ik kan me alleen herinneren dat de vier jongens, die waren weggerend, jonge donkergetinte jongens waren. Ik denk dat de vier jongens ongeveer een lengte hebben van 1.75m. Ik ben zelf 1.76m.
V: Tijdens dit incident is iemand gewond geraakt doordat hij werd beschoten. Heeft u iemand gezien die een vuurwapen bij zich droeg en deze heeft gebruikt? (Zo ja, graag signalement van de schutter)
A: Eén van de groep van vier, dat was wel duidelijk, van te voren is er niet mee gezwaaid. Er werd niet gedreigd er werd gelijk geschoten.
A: Klopt.
V: Hoe zag die jongen eruit?
A: Trainingspak van Adidas zwart van kleur met witte strepen aan de zijkant. Ik heb zelf ook een Adidas trainingsbroek. Wit t-shirt. Hij was ongeveer 1,75 tot 1,78 meter lang. Ik hoorde later dat hij onder de 18 jaar was. Ik schat hem zelf tussen 15 en 17 jaar Hij is klein. De naam weet ik niet. Hij is dun en slank. Hij had zwart kort haar. Zijn huidskleur leek op mensen uit Algerije of Marokko. Hij droeg nog een heuptasje die leek op een Guccitasje. Het tasje was zwart van kleur en de opening was aan de bovenkant. Hij droeg het tasje kruiselings voor zich. Hij sprak Nederlands en dan straattaal.
A: Door een vriend van ons. [slachtoffer] rukte zich los en liep weg. Alles verplaatste zich via de ijswinkel naar de [bedrijf] . [slachtoffer] liep achter de jongen die later schoot aan. De rest liep er achteraan. [slachtoffer] werd bij de Action vastgepakt door 1 van onze groep omdat [slachtoffer] wilde slaan. Wij spraken met de jongen die later schoot. [slachtoffer] was namelijk geslagen en hij wilde terug slaan. De jongen die later schoot zei: "Hij wil toch ruzie, hij wil toch slaan". Ik zag dat [slachtoffer] zich losrukte en kwam dichterbij en kwam op de jongen die later schoot af. De jongen liep achteruit en ik zag dat hij naar zijn tasje greep en dat hij iets uit zijn tasje haalde. Ik zag een pistool. Volgens mij was de voorkant van het pistool grijs was en de achterkant zwart van kleur. Ik zag dat de jongen naar achteren liep en zijn linkerhand naar achteren bewoog en richtte het pistool naar beneden. Daarvoor had hij zijn rechterhand al een poosje in het tasje. Ik dacht in eerste instantie dat hij misschien een mes zou hebben Ik zag en hoorde dat de jongen met het pistool schoot. Ik hoorde boem. Ik zag ook een vonk of vuur in de grond. Wij waren daarvoor al aan de kant gegaan. [slachtoffer] stond er nog. Ik zag dat de jongen die schoot, wegliep in de richting van het museum.
Voor de huls en het vuurwapen zijn de volgende hypothesen beschouwd:
Hypothese 1: De huls is verschoten met het vuurwapen.
Hypothese 2: De huls is verschoten met een ander vuurwapen van hetzelfde kaliber en met dezelfde systeemkenmerken als het vuurwapen.
De resultaten van het vergelijkend huisonderzoek zijn extreem veel waarschijnlijker wanneer hypothese 1 waar is, dan wanneer hypothese 2 waar is.
Aan de term: extreem veel waarschijnlijker is door het NFI een ordegrootte voor bewijskracht gehangen van > 1.000.000.
Bij het nogmaals lezen van het voornoemde proces-verbaal van verhoor zag ik dat het deel waar ik hiervoor naar verwees abusievelijk niet in het proces-verbaal was opgenomen. Daarom heb ik het verhoor teruggeluisterd voor wat betreft het deel waar ik hiervoor naar verwijs en zo goed als mogelijk letterlijk uitgewerkt. Die uitwerking staat hieronder waarbij:
Te horen vanaf 01:11:35:
D: Maar ik weet niet hoe laat hij is neergeschoten, ik weet niet eens waar die is neergeschoten, snap je.
D: Waarom ... weet ik ook niet, snap je?
A: Hmhm, nou ja de aanleiding schijnt dus de, de ruzie te zijn geweest waar [Naam] bij betrokken is geweest.
D: Ja, dat is wat er nu gezegd wordt.
A: Dat is wat er gezegd is, daar, daar moeten wij het mee doen he.
D: Ja, ja. Ik heb gehoord dus, snap je, maar dat is dus, dat is dus te horen, en dinges, wat ik, wat ik weet. Maar ik heb gehoord dat die jongen een mes had en dat hij dus die jongen liep te bedreigen. Begrijp je? En dat is gewoon een reactie, snap je, dat die jongen dus bedreigd werd, dat, dat diegene hem uiteindelijk heeft neergeschoten.
A: Ja.
D: Dat is wat ik heb gehoord snap je, ... ja.
A: En wie zou er dan geschoten hebben?
D: Ja, dat, dat weet u.
A: Ja, nou, dat weet ik niet.
D: Ja dat weet je wel, ik bedoel er is toch iemand voor aangehouden.
A: Ja.
D: Waarom is diegene daar voor aangehouden?
A: Omdat die ervan verdacht wordt.
D: Ja.
A: Maar de rechter bepaald of dat zo is.
D: Of dat zo is, ja toch.
A: Ja.
D: Ik bedoel, zeg maar. Ik denk dat er sterke aanwijzingen voor zijn, dat hij daarom ook zeg maar in hechtenis zit snap je.
De veiliggestelde camerabeelden van tabaksspeciaalzaak [bedrijf] zijn op verzoek van het onderzoeksteam bekeken door een camerabeeldspecialist die een verslag van zijn bevindingen heeft gemaakt. Dit verslag van 12 pagina’s is als bijlage bij dit proces-verbaal gevoegd. Zie ook proces-verbaal van bevindingen AH-051-01
Het verzoek was om de personen, die op 05 september 2022, omstreeks 21:57 uur, op verschillende momenten in beeld zijn, te “labelen”. Dit heeft geresulteerd in het benoemen van 10 -tien- personen, “gelabeld” van NN1 t/m NN10.
Uit onderzoek kan blijken wat de identiteit van een aantal van deze gelabelde personen is.
Zie hiervoor onderstaande tabel:
Wie is wie op de camerabeelden van tabaksspeciaalzaak [bedrijf] , d d 5 september 2022, omstreeks 21:57 uur.
Proces-verbaal verhoor getuige, G-027-01
De omschrijving van NN3 in het camerabeeldverslag past bij de meest linkse jongen. Deze jongen is geïdentificeerd als zijnde [Naam] . Zie het proces-verbaal van verhoor verdachte [Naam] V4-002-01 en V4-002-01, bijlage A5)
De rechter jongen is “gelabeld” als NN6.
Over NN6:Het aannemelijk dat NN6 verdachte [verdachte] is. Dit kan blijken uit het volgende:
- Verdachte [verdachte] heeft zelf verklaard dat hij samen met [Naam] in de stad was.
- Verdachte [Naam] (NN3) heeft verklaard dat hij samen met [verdachte] was
- NN3 is geïdentificeerd als zijnde [Naam] .
- Op de camerabeelden van tabaksspeciaalzaak [bedrijf] is te zien dat [Naam] samen met NN6, vermoedelijk dus [verdachte] , weg loopt bij de auto van verdachte [Naam]
[Naam] .
- Over NN6 staat in het camerabeeldverslag op pagina 7 en 8 o.a.: “NN6 draagt een schoudertas aan de linkerzijde van het lichaam, het hengsel van de tas zit over de
rechterschouder van NN6. Op afbeeldingen 5a en 5b is te zien dat op in elk geval op de rechtermouw van de jas die NN6 draagt, strepen te zien zijn, vermoedelijk drie over de hele
lengte van de mouw." En: “NN6 heeft vermoedelijk donker haar van gemiddelde lengte".
- Qua lengte en postuur past verdachte [verdachte] in het beeld van NN6.
- NN6 heeft zichtbaar een opvallende, schuine haarlijn.
- [verdachte] is herkend op stills van camerabeelden (Zie hiervoor het proces-verbaal bevindingen AH-045-01 en AH-057-01 (
opmerking rechtbank: dit betreft onderzoek Naveen)). [verdachte] heeft hierop ook zichtbaar een opvallende, schuine haarlijn.
Uit dit proces-verbaal kan blijken waar verdachte [verdachte] zich, op maandagavond 5 september 2022, op basis van het bij hem in gebruik zijnde telefoonnummer [telefoonnummer] , bevond.
Op basis van het onderzoek onder de naam Naveen, het onderzoek naar de handel in verdovende middelen door verdachte [verdachte] ,) is bekend dat hij gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Verdachte heeft hier zelf ook over verklaard.
In belang van het onderzoek naar het schietincident, waarin verdachte [verdachte] als verdachte naar voren kwam, werden van het telefoonnummer [telefoonnummer] de historische gegevens opgevraagd vanaf maandag 05 september 2022 18.00 uur tot en met vrijdag 09 september 2022, 12.00 uur. Uit de verstrekte gegevens bleek dat er op maandagavond 5 september dataverkeer was waarbij verschillende telefoonmasten in het centrum van Assen waren aangestraald.
(…)
Vanwege de verandering van de aangestraalde Cell-ID om 22:18:13 uur is het aannemelijk dat verdachte [verdachte] (de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] ) zich in het op de kaart aangegeven, rood omrande gebied. Dit rood omrande gebied ligt ten zuiden van het gebied op kaart 1 en in de richting waarin, volgens getuigen Valkenhoff en Saleh, de jongen die geschoten had was weggerend.
A: Hoe het gegaan was. Ik liep samen met [Naam] door de [adres] . We wilden naar de kermis gaan. Voor dat alles gebeurde was het nichtje van [Naam] geslagen door twee asielzoekers en wat er gebeurde is dat de asielzoekers ons aanspraken, en die kwamen daarbij een beetje dreigend over. Ik wilde niet vechten ik wilde het gewoon oplossen met praten. Vervolgens toen ik met hem in gesprek was kwamen al zijn vrienden er bij. Vervolgens was er over en weer gepraat. Ik wilde weglopen. Ik wilde ruzie vermijden. Toen ben ik geduwd en ben ik weggelopen.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
1.
[slachtoffer], tot een bedrag van € 15.815,16 ter zake van materiële schade en
2.
[slachtoffer 2], tot een bedrag van € 3.565,00 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum dat de schade is ontstaan;
3.
[slachtoffer 3], tot een bedrag van € 4.311,98 ter vergoeding van materiële schade en € 7.500,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum dat de schade is ontstaan.
Vordering na voorwaardelijke veroordeling
Toepassing van wetsartikelen
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
Uitspraak
De rechtbank
een jeugddetentie voor de duur van 24 (vierentwintig) maanden
[slachtoffer]voor het overige in zijn vordering niet-ontvankelijk is en dat dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[slachtoffer]daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.
[slachtoffer 3]voor het overige in zijn vordering niet-ontvankelijk is en dat dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[slachtoffer 3]te betalen een bedrag van
€ 3.768,49(zegge: drieduizendzevenhonderdachtenzestig euro en negenenveertig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2022. Dit bedrag bestaat uit € 3.750,00 aan materiële schade en € 18,49 aan immateriële schade.