Op 11 oktober 2022 heeft verdachte in een bus van een dorp naar Groningen meerdere malen de billen van een toen 14-jarig meisje aangeraakt zonder haar toestemming. Het slachtoffer verklaarde zich verlamd te hebben gevoeld en de ervaring als angstig te hebben ervaren. Verdachte heeft het feit bekend.
De rechtbank acht het bewezen dat verdachte door zijn gedragingen de lichamelijke integriteit van het slachtoffer heeft geschonden, wat strafbaar is als feitelijke aanranding van de eerbaarheid. Er zijn geen strafuitsluitingsgronden vastgesteld.
De officier van justitie vorderde een taakstraf van 80 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden, terwijl de verdediging pleitte voor een deels voorwaardelijke taakstraf. De rechtbank weegt mee dat verdachte spijt heeft betuigd, geen eerdere veroordelingen heeft en dat de kans op recidive matig-hoog is volgens de reclassering.
Uiteindelijk legt de rechtbank een taakstraf op van 120 uren, waarvan 60 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, inclusief bijzondere voorwaarden zoals meldplicht bij de reclassering en ambulante behandeling. Vervangende hechtenis van 30 dagen is verbonden aan het niet nakomen van de taakstraf.