Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verzoeker], te [woonplaats], verzoeker
de minister voor Rechtsbescherming, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- dat het delict nog maar kort geleden is;
- dat het gaat om verdenking van een zedendelict en
- dat de bescherming van de maatschappij van groot belang is.
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- herroept het primaire besluit tot weigering van de VOG;
- bepaalt dat verweerder verzoeker uiterlijk op maandag 28 maart 2022, om 12.00 uur in het bezit stelt van een VOG;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 2.600,–;
- bepaalt dat verweerder aan verzoeker het door hem betaalde griffierecht van € 184,– voor het beroep vergoedt.