Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d.
22.maart 2022 in de zaak van het Openbaar Ministerie tegen de verdachte
[verdachte],
Tenlastelegging
- tegen die [slachtoffer 1] heeft geschreeuwd dat hij geld moest pinnen en/of (daarbij) die [slachtoffer1] bij de kleding en/of de borst heeft gepakt en/of
- met de auto naast die [slachtoffer 1] is gaan rijden en/of die [slachtoffer 1] door het openstaanderaam heeft beetgepakt en/of (daarbij) geschreeuwd dat die [slachtoffer 1] geld moest pinnen en/of
- die [slachtoffer 1] in/tegen het gezicht geslagen,terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
Beoordeling van het bewijs
Oordeel van de rechtbank
Bewezenverklaring
- tegen die [slachtoffer 1] heeft geschreeuwd dat hij geld moest pinnen en daarbij die [slachtoffer 1] bij de kleding en/of de borst heeft gepakt en
- met de auto naast die [slachtoffer 1] is gaan rijden en/of die [slachtoffer 1] door het openstaanderaam heeft beetgepakt en daarbij geschreeuwd dat die [slachtoffer 1] geld moest pinnen en
- die [slachtoffer 1] in/tegen het gezicht geslagen,
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
Strafbaarheid van verdachte
In beslag genomen goederen
Benadeelde partij
- Kosten ondersteuningstraject MEE: € 2.040,00
- Persoonlijke verzorging: € 1.000,00
- Inzet extra personeel, personeelskosten: € 2.713,00 - Reiskosten: € 500,00
Vordering na voorwaardelijke veroordeling
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 366 dagen.
een gedeelte, groot 240 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 3 jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- ten behoeve van het vaststellen van haar identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen vaneen of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van hetWetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.
[slachtoffer 1]te betalen:
- het bedrag van €
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 3 april 2021 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op