ECLI:NL:RBNNE:2022:3120
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omzetting Arubaans rijbewijs wegens niet voldoen aan 185 dagen eis
Eiser verzocht om zijn Arubaans rijbewijs om te wisselen voor een Nederlands rijbewijs, maar de RDW wees dit af omdat hij niet voldeed aan de dwingendrechtelijke voorwaarde dat hij minimaal 185 dagen in Aruba moest hebben gewoond in het jaar voorafgaand aan de aanvraag. Eiser erkende dit en voerde aan dat bijzondere omstandigheden, zoals zijn studie in Nederland en een speciale regeling voor studenten in Aruba, een afwijking rechtvaardigden.
De rechtbank stelde vast dat de RDW geen beslissingsruimte of hardheidsclausule heeft om van de 185 dagen eis af te wijken. Wel kan het evenredigheidsbeginsel uit artikel 3:4, tweede lid, Awb worden toegepast om een te strikte toepassing te voorkomen. De rechtbank oordeelde echter dat de nadelige gevolgen voor eiser niet onevenredig zijn ten opzichte van het doel van de regeling, namelijk het voorkomen van rijbewijstoerisme.
De rechtbank vond dat eiser onvoldoende inzicht gaf in de omvang van de door hem gestelde schade en dat zijn keuze om in 2016 niet in Aruba te blijven voor het rijexamen voor zijn eigen rekening komt. Ook werd bevestigd dat het Arubaans rijbewijs niet is omgewisseld en daarom naar eiser is teruggezonden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit van de RDW bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de omzetting van het Arubaans rijbewijs wordt ongegrond verklaard en het besluit van de RDW blijft in stand.