ECLI:NL:RBNNE:2022:1485
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning transitievergoeding ondanks laakbaar handelen werknemer bij bedrijfseconomisch ontslag
De werknemer was sinds 1989 in dienst bij een eenmanszaak die schoonmaakwerkzaamheden verrichtte, waaronder voor de gemeente Groningen. De gemeente ontdekte dat de werknemer goederen van de gemeente te koop aanbood op Marktplaats, wat leidde tot een integriteitsrisico en het verlies van gemeentelijke opdrachten voor de werkgever.
De arbeidsovereenkomst werd opgezegd wegens bedrijfseconomische omstandigheden nadat de gemeente als opdrachtgever was verloren. De werknemer vorderde betaling van de transitievergoeding, terwijl de werkgever stelde dat ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer aan het ontslag ten grondslag lag en dat er een mondelinge afspraak was dat de werknemer afstand deed van de vergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag uitsluitend bedrijfseconomisch was en dat het laakbare gedrag niet als grondslag voor het ontslag was gebruikt. De mondelinge afstand van recht op transitievergoeding was onvoldoende onderbouwd. Daarom is de werkgever gehouden de transitievergoeding van € 30.521,00 bruto te betalen, vermeerderd met wettelijke rente. De vordering tot buitengerechtelijke kosten werd afgewezen en de werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De werkgever is veroordeeld tot betaling van de transitievergoeding van € 30.521,00 bruto met wettelijke rente.