Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Standpunt van de verdediging
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 19 april 2022 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het opzettelijk telen van ongeveer 1258 hennepplanten in een pand te Bellingwolde in de periode van december 2016 tot juni 2017, en het medeplegen van diefstal van elektriciteit.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte samen met anderen hennep heeft geteeld, waarbij het aantal planten tussen 880 en 1008 lag gedurende de periode dat verdachte actief was. De rechtbank verwierp het verzoek van de verdediging om de pleegperiode en het aantal planten te beperken. Ten aanzien van het tweede feit, het medeplegen van diefstal van elektriciteit, kon de rechtbank niet vaststellen dat verdachte op de hoogte was van de illegale stroomafname en sprak verdachte daarvan vrij.
De rechtbank heeft bij de strafoplegging rekening gehouden met de ernst van het feit, de maatschappelijke impact van hennepteelt en de overschrijding van de redelijke termijn van meer dan twee jaar, wat tot strafvermindering leidde. Uiteindelijk werd verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 180 uren, met aftrek van 18 dagen detentie, en werd een voorwaardelijke gevangenisstraf niet meer opgelegd vanwege het tijdsverloop.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 180 uur taakstraf voor hennepteelt en vrijgesproken van diefstal van elektriciteit.