Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d.
2 november 2021 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Vormverzuim
Beoordeling van het bewijs
Bewijsmiddelen
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
€ 24.705,47, zijnde een bedrag van € 22.743,04 ter vergoeding van materiële kosten, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan, en een bedrag van € 1.962,43, zijnde (buiten)gerechtelijke kosten (WIK en proceskosten).
Beslag
Toepassing van wetsartikelen
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden.
een gedeelte, groot 12 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 3 jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
[benadeelde partij]af.