Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. D. Roggen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
Op 28 december 2019 werd verdachte ten laste gelegd van het met geweld of bedreiging dwingen van aangeefster tot het dulden van ontuchtige handelingen, namelijk het vastpakken van haar borst. De officier van justitie vorderde een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf, gesteund op de verklaring van aangeefster, een geluidsopname en de bekentenis van verdachte dat hij iets te ver was gegaan.
De verdediging ontkende opzettelijk de borst te hebben vastgepakt en stelde dat een eventuele aanraking per ongeluk was tijdens een omhelzing, zonder seksuele lading. De rechtbank stelde vast dat verdachte en aangeefster een vriendschappelijke relatie hadden met intieme omgangsvormen, waaronder omhelzen en aanraken.
De verklaringen van verdachte en aangeefster verschilden over wat er precies gebeurde na de omhelzing. De rechtbank vond dat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat verdachte bewust de borst van aangeefster had vastgepakt en dat er sprake was van dwingen tot ontuchtige handelingen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij.
De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd, maar de rechtbank verklaarde deze vordering niet-ontvankelijk omdat het feit dat schade veroorzaakte niet bewezen was. De vordering kan bij de burgerlijke rechter worden ingediend.
De rechtbank bepaalde dat beide partijen hun eigen kosten dragen en sprak het vonnis uit op 8 juli 2021.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzettelijk ontuchtig gedrag.