Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d.
29 juni 2021 in de zaak van het Openbaar Ministerie tegen de verdachte
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Inleiding
Het voorbereiden van een plofkraak (feit 2)
*Noot verbalisant: De tekening heeft kenmerken van een ‘pizzaschuif’ zoals deze in dit onderzoek wordt genoemd. [36]
Het voorhanden hebben van TATP en ammoniumnitraat (feit 3)
Het opzettelijk teweeg brengen van een ontploffing op 1 mei (feit 1)
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
In beslag genomen goederen
Benadeelde partij
1. [benadeelde partij 1] , tot een bedrag van € 154.863,09 ter zake van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
2. [benadeelde partij 2] , tot een bedrag van € 1.305,-- ter vergoeding van materiële schade en
3. [benadeelde partij 3] , tot een bedrag van € 929,65 ter vergoeding van materiële schade en
De vordering van [benadeelde partij 1]
De vordering van [benadeelde partij 2]
De vordering van [benadeelde partij 1]
De vordering van [benadeelde partij 4]
De vordering van [benadeelde partij 5]
De vordering van [benadeelde partij 6]
Toepassing van wetsartikelen
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren.
€ 150.000,--(zegge: honderdvijftigduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020.
€ 2.729,65(zegge: tweeduizend zevenhonderdnegenentwintig euro en vijfenzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020, in dier voege, dat indien dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd.
€ 2.729,65(zegge: tweeduizend zevenhonderdnegenentwintig euro en vijfenzestig eurocent), te verhogen met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020. Dit bedrag bestaat uit € 929,65 aan materiële schade en € 1.800,-- aan immateriële schade.
€ 1.800,--(zegge: duizend achthonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020, in dier voege, dat indien dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd.
€ 1.800,--(zegge: duizend achthonderd euro), te verhogen met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020. Dit bedrag bestaat uit € 1.800,-- aan immateriële schade.
€ 2.983,41(zegge: tweeduizend negenhonderddrieëntachtig euro en eenenveertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020, in dier voege, dat indien dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd.
€ 2.983,41(zegge: tweeduizend negenhonderddrieëntachtig euro en eenenveertig eurocent), te verhogen met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020. Dit bedrag bestaat uit € 1.183,41 aan materiële schade en € 1.800,-- aan immateriële schade.
€ 1.406,13(zegge: duizend vierhonderdzes euro en dertien eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020, in dier voege, dat indien dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd.
€ 1.406,13(zegge: duizend vierhonderdzes euro en dertien eurocent), te verhogen met de wettelijke rente vanaf 1 mei 2020. Dit bedrag bestaat uit