Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van 22 juni 2021 in de zaak tussen
[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker(gemachtigde: A.H. de Bey),
(gemachtigde: mr. S. Borger).
Rechtbank Noord-Nederland
Verweerder heeft op 3 mei 2021 een verkeersbesluit genomen tot het terugbrengen van de breedtebeperking van de Meerwegbrug te Kropswolde van 2,30 meter naar 2 meter en de totaallastbeperking van 4,8 ton naar 3,5 ton. Verzoeker, exploitant van een nabijgelegen horecabedrijf, maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het verkeersbesluit de juridische grondslag biedt voor de fysieke uitvoering, waaronder het plaatsen van paaltjes, die de breedtebeperking handhaven. De paaltjes zijn niet zodanig geplaatst dat de breedte verder wordt beperkt dan het besluit voorschrijft. Verzoekers betoog dat de fysieke belemmeringen niet in het besluit zijn uitgewerkt, faalt daarom.
Verder is de belangenafweging door verweerder zorgvuldig en redelijk. Verkeersveiligheid, gebruiksduur van de brug en het voorkomen van geluidoverlast zijn zwaarwegende belangen. Hoewel verzoeker schade vreest door verminderde toegankelijkheid, is er een alternatieve route beschikbaar en kunnen personenauto's deels de brug blijven gebruiken.
De voorzieningenrechter concludeert dat het besluit niet onevenredig is en dat de paaltjes geen onveilige situatie veroorzaken. Verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het verkeersbesluit wordt afgewezen.