ECLI:NL:RBNNE:2021:2498

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
18 juni 2021
Publicatiedatum
22 juni 2021
Zaaknummer
8914940
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • M.C. Groenwegen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:435 lid 3 BWArtikel 3 lid 2 sub a Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Kantonrechter benoemt professionele bewindvoerder ondanks voorkeur betrokkene voor moeder

Betrokkene, getroffen door het Syndroom van West en een autistische stoornis, kan zijn financiële zaken niet zelf regelen en verzoekt om onderbewindstelling. Aanvankelijk vraagt hij een professionele bewindvoerder, later wijzigt hij dit verzoek en wenst zijn moeder als bewindvoerder vanwege vertrouwen en comfort.

De moeder en broers stemmen in met deze benoeming, terwijl de vader bezwaar maakt vanwege loyaliteitsproblemen en het vermoeden dat betrokkene onder emotionele druk staat. De vader pleit voor geen onderbewindstelling of benoeming van beide ouders als bewindvoerders, of subsidiair een professionele bewindvoerder.

De kantonrechter oordeelt dat betrokkene vanwege zijn lichamelijke en geestelijke toestand niet in staat is zijn belangen zelf te behartigen en dat de onderbewindstelling noodzakelijk is. Gezien de strijd tussen ouders en de juridische procedure acht de kantonrechter een onafhankelijke professionele bewindvoerder in het belang van betrokkene, ondanks diens voorkeur voor zijn moeder.

De kantonrechter benoemt daarom de voorgestelde professionele bewindvoerder en stelt de beloning vast. Hij benadrukt het belang van begeleiding naar zelfredzaamheid en hoopt dat ouders de beslissing accepteren en betrokkene de ruimte geven voor een goede samenwerking.

Uitkomst: Bewind wordt ingesteld en een professionele bewindvoerder benoemd ondanks voorkeur betrokkene voor zijn moeder.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht
Locatie Leeuwarden
Zaaknummer : 8914940 VO VERZ 20-2739
Datum uitspraak: 18 juni 2021
Beschikking
Op verzoek van:
[Betrokkene],
geboren te [gemeente] op [geboortedatum],
wonende te [adres]
hierna ook te noemen betrokkene,
gemachtigde: mr. F. Hofstra.
Het verzoek strekt tot instelling van een bewind over de goederen en gelden die aan hem (zullen) toebehoren, met de benoeming van [X] tot bewindvoerder.

1.Het procesverloop

1.1.
De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie ingekomen op 4 december 2020.
1.2.
Op 25 januari 2021 heeft mr. Hofstra nadere stukken ingediend.
1.3.
Op 15 maart 2021 is een brief ontvangen van [X], de voorgestelde bewindvoerder, waarin zij de kantonrechter vraagt een zitting te plannen.
1.4.
Hierna zijn nog de volgende stukken ontvangen:
- een emailbericht van 17 maart 2021 van betrokkene, afkomstig van het emailadres van
[A], de moeder van betrokkene;
- een brief van 16 maart 2021 van [B], de vader van betrokkene, waarin hij aangeeft niet akkoord te gaan met het verzoek;
- een brief van 30 maart 2021 van de vader van betrokkene, waarin hij aangeeft akkoord te gaan met het verzoek;
- een emailbericht van 21 mei 2021 van de moeder van betrokkene.
1.5.
Op 2 juni 2021 is een stuk van mr. Hofstra ontvangen, waarin zij aangeeft dat betrokkene zijn verzoek wijzigt en wel in die zin dat hij vraagt zijn moeder tot bewindvoerder te benoemen.
1.6.
Op 9 juni 2021 is een verweerschrift met bijlagen ontvangen van mr. B. Hiemstra, namens de vader van betrokkene.
1.7.
De mondelinge behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden op 11 juni 2021. Daarbij zijn ter zitting verschenen en gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door mr. Hofstra,
- de moeder van betrokkene;
- de vader van betrokkene, bijgestaan door mr. B. Hiemstra,
- [C] en [D], broers van betrokkene;
- mw. [X].

2.De standpunten

2.1.
Door en namens betrokkene is ter onderbouwing van het (gewijzigde) verzoek, kort gezegd, het volgende aangevoerd. Betrokkene is als baby getroffen door het Syndroom van West, een aandoening die een zeer ernstige leeftijdsgebonden epilepsiesyndroom met zich meebrengt en wat heeft geleid tot een stilstand in de ontwikkeling van betrokkene zolang het epilepsiesyndroom niet onder controle was. Tevens is er bij betrokkene sprake van een autistische stoornis. Betrokkene acht zichzelf niet in staat zijn financiële zaken zelf te regelen. Daarnaast is hij erg kwetsbaar en beïnvloedbaar. Zo is hij al tweemaal geforceerd tot het plaatsen van zijn handtekening op een document, waarbij de consequenties voor hem nadelig waren. Bovendien is er sprake van een juridische procedure tussen betrokkene en zijn vader, welke procedure in opdracht van de sociale dienst is gestart. Betrokkene heeft in eerste instantie een professionele bewindvoerder voorgesteld, maar bij nader inzien wil hij liever dat zijn moeder bewindvoerder wordt. Dat voelt voor hem comfortabeler en hij vertrouwt zijn moeder het meest. Ook vindt hij de kosten van een professionele bewindvoerder erg hoog. Namens betrokkene is nog aangevoerd dat een belangrijk doel van de onderbewindstelling het werken aan de zelfredzaamheid van betrokkene zou moeten zijn. Betrokkene wil graag op zichzelf gaan wonen zodra hij 23 jaar is en het is belangrijk dat hij begeleid wordt in de stappen die hij daarbij zal moeten zetten.
2.2.
De moeder stemt in met het gewijzigde verzoek van betrokkene en is bereid tot bewindvoerder te worden benoemd. Zij heeft al jaren de financiële zaken van haar vier kinderen gedaan. Betrokkene staat bij de moeder ingeschreven en het zal de moeder en betrokkene rust geven als de moeder de financiële zaken voor betrokkene regelt, zo lang betrokkene nog bij haar woont.
2.3.
De broers van betrokkene hebben ter zitting verklaard in te stemmen met de verzochte onderbewindstelling en de benoeming van hun moeder tot bewindvoerder over de gelden en goederen van betrokkene.
2.4.
Door en namens de vader is verweer gevoerd tegen het verzoek van betrokkene. Primair stelt de vader zich op het standpunt dat een onderbewindstelling niet nodig is. Betrokkene heeft hulp nodig bij het regelen van de financiële zaken, maar dat kunnen de ouders hem ook bieden zonder dat er een maatregel wordt ingesteld. Anderzijds ziet de vader ook dat betrokkene zelf graag een onderbewindstelling wil en erkent hij dat betrokkene last heeft van de strijd tussen de ouders en hierdoor geestelijke problemen heeft. Betrokkene verblijft bij beide ouders evenveel en de vader denkt dat betrokkene met forse loyaliteitsproblemen kampt. De vader vindt het dan ook volstrekt onwenselijk dat de moeder bewindvoerder wordt en vindt dat betrokkene hierin geen weloverwogen beslissing kan maken. De vader denkt dat betrokkene zijn keus voor zijn moeder als bewindvoerder, onder emotionele druk is gemaakt. Daarnaast vindt de vader dat de moeder er blijk van heeft gegeven niet de aangewezen persoon te zijn om de vermogensrechtelijke belangen van betrokkene te behartigen. Uit de bankafschriften van betrokkene blijkt dat de moeder geld dat betrokkene heeft ontvangen van de vader, heeft overgeboekt naar haar eigen rekening. De vader zou daarom graag zien dat beide ouders tot bewindvoerders worden benoemd. Meer subsidiair vraagt de vader om [X] tot bewindvoerder te benoemen.

3.De beoordeling

3.1.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Uit de stukken en de mondelinge behandeling is voldoende aannemelijk geworden dat betrokkene als gevolg van zijn lichamelijke en/of geestelijke toestand niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Hoewel de vader primair verweer heeft gevoerd tegen de instelling van het bewind, ziet de kantonrechter voldoende grond de maatregel in te stellen. Betrokkene kan zijn financiële zaken op dit moment (nog) niet zelf regelen en heeft daarom zelf verzocht zijn gelden en goederen onder bewind te stellen, Daarnaast maakt de strijd tussen de ouders en de juridische procedure waarin betrokkene verwikkeld is, betrokkene erg kwetsbaar. De kantonrechter zal daarom het bewind uitspreken.
3.2.
Ten aanzien van de vraag wie als bewindvoerder moet worden benoemd, oordeelt de kantonrechter als volgt. Op grond van artikel 1:435 lid 3 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) volgt de kantonrechter bij de benoeming van de bewindvoerder de uitdrukkelijke voorkeur van betrokkene, tenzij gegronde redenen zich tegen zodanige benoeming verzetten. Betrokkene heeft ter zitting tegen de kantonrechter verklaard dat hij heel graag wil dat zijn moeder de bewindvoerder wordt omdat hij haar het meest met de geldzaken vertrouwt en het voor hem comfortabeler voelt dat zij de zaken regelt. De kantonrechter ziet echter gegronde redenen om af te wijken van de voorkeur van betrokkene en wil graag aan betrokkene uitleggen waarom de kantonrechter zijn moeder niet tot bewindvoerder zal benoemen.
3.3.
Uit de stukken en hetgeen ter zitting naar voren is gebracht, begrijpt de kantonrechter dat betrokkene veel last heeft van de strijd tussen de ouders. Betrokkene verblijft bij beide ouders en de kantonrechter heeft ter zitting begrepen dat zij beiden vanuit hun eigen goede bedoelingen, anders met betrokkene omgaan. Gelet op de problematiek van betrokkene kan de kantonrechter heel goed begrijpen dat dit voor betrokkene erg lastig is. Dat betrokkene kampt met loyaliteitsproblemen, acht de kantonrechter dan ook niet ondenkbaar en ook sluit de kantonrechter niet uit dat betrokkene zijn beslissing om zijn verzoek te wijziging en zijn moeder als bewindvoerder voor te stellen, onderhavig is aan deze loyaliteitsproblematiek.
3.4.
Daarnaast begrijpt de kantonrechter dat betrokkene in een juridische procedure verwikkeld is met zijn vader en dat de te benoemen bewindvoerder hierin als wettelijke vertegenwoordiger een rol zal moeten spelen. Om betrokkene hierin zo veel mogelijk te ontzien en te ontlasten, vindt de kantonrechter het belangrijk dat er een neutrale partij betrokkene wordt. Een professionele bewindvoerder kan het belang van betrokkene voorop stellen, zonder daarbij rekening te hoeven houden met het eigen belang. Gelet op de problematiek tussen de ouders voorziet de kantontrechter dat de moeder hierin geen neutrale rol kan spelen. Voor de vader zal dit eveneens niet mogelijk zijn, zodat de kantonrechter ook niet beide ouders tot bewindvoerders zal benoemen, zoals de vader subsidiair heeft verzocht. Bovendien voert de onderlinge strijd tussen hen daarvoor te veel de boventoon.
3.5.
De kantonrechter kan de wens van betrokkene om zijn moeder tot bewindvoerder te benoemen goed begrijpen, maar de kantonrechter vindt gelet op hetgeen wat hiervoor is overwogen, dat het voor betrokkene beter is dat er een onafhankelijke professionele bewindvoerder wordt aangesteld. De kantonrechter zal dan ook over gaan tot de benoeming van [X] tot bewindvoerder.
3.6.
Het is voor betrokkene vervelend dat de benoeming van een professionele bewindvoerder kosten met zich meebrengt, maar de kantonrechter wil betrokkene vragen om ervoor open te staan. De kantonrechter verwacht dat betrokkene en de bewindvoerder samen goede afspraken kunnen maken, zodat het bewind op een voor betrokkene prettige manier kan worden ingevuld. Bovendien kan betrokkene veel leren van de bewindvoerder en kan zij hem begeleiden bij het zelfredzaam worden. De kantonrechter spreekt de hoop uit dat de ouders deze beslissing zullen accepteren en betrokkene de ruimte zullen geven om de samenwerking met de bewindvoerder aan te kunnen gaan.
3.7.
De kantonrechter zal de beloning van de te benoemen bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 559,00 (exclusief btw). De jaarbeloning van de te benoemen bewindvoerder, inclusief onkostenvergoeding en exclusief omzetbelasting voor zover van toepassing, zal de kantonrechter vaststellen overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub a van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren (basistarief).

4.De beslissing

De kantonrechter:
4.1.
stelt een bewind in over de goederen en gelden die (zullen) toebehoren aan
[Betrokkene]voornoemd wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand;
4.2.
benoemt tot bewindvoerder:
[X]
[adres]
4.3.
stelt de beloning van de bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 559,00 (exclusief btw);
4.4.
stelt de jaarbeloning van de bewindvoerder vast overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub a van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
4.5.
verstaat dat het bewind ingaat op de dag volgend op de hieronder vermelde datum van verzending van deze beschikking.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. Groenwegen, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2021.
Conc.nr.: 739
Beschikking verzonden op:
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden:
  • door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.