Op 30 april 2021 heeft de meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland te Leeuwarden verdachte veroordeeld voor bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. Verdachte bedreigde op of omstreeks 16 februari 2021 te Zwolle een persoon via voicemail met de woorden dat hij iedereen zou doden als zijn dochter niet bij hem was.
De rechtbank achtte het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen, mede omdat verdachte het feit ondubbelzinnig heeft bekend. De bewijsmiddelen bestonden uit de verklaring van verdachte, aangifte en getuigenverklaringen. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de eerdere veroordeling van verdachte in december 2020, waarbij hij een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden had gekregen. Omdat verdachte zich niet aan de bijzondere voorwaarden had gehouden, werd deze straf alsnog ten uitvoer gelegd.
De rechtbank vond een gevangenisstraf van één week passend en noodzakelijk, omdat een lichtere straf de ernst van het bewezen feit zou miskend hebben. Verdachte werd veroordeeld tot deze onvoorwaardelijke gevangenisstraf.