Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De verdere procedure
2.De (verdere) beoordeling
3.Beslissing
woensdag 7 april 2021in tegenwoordigheid van de griffier.
Arnhem-Leeuwarden.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde een verzoek van de vader om een informatieregeling vast te stellen op grond van artikel 1:377b BW, teneinde geïnformeerd te worden over gewichtige aangelegenheden betreffende zijn minderjarige kind. De vader is niet met het ouderlijk gezag belast en er is langdurig geen contact tussen hem en het kind. De rechtbank verwees partijen eerst naar mediation, maar dit leidde niet tot overeenstemming.
De rechtbank overwoog dat de informatieregeling bedoeld is om de band tussen het kind en de niet-gezaghebbende ouder te behouden. Echter, gezien het kind bijna meerderjarig is en expliciet bezwaar maakt tegen het verstrekken van informatie aan de vader, weegt het belang van het kind en haar recht op privacy zwaarder. Daarnaast vreest de moeder dat het informeren van de vader de verstandhouding met het kind zou schaden.
Gelet op deze omstandigheden besloot de rechtbank dat artikel 1:377b lid 1 BW buiten toepassing blijft, en wees het verzoek van de vader af. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Verzoek tot informatieregeling wordt afgewezen en artikel 1:377b BW blijft buiten toepassing vanwege het belang en de privacy van het kind.