ECLI:NL:RBNNE:2020:4324
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen mr. S.B. van Baalen, rechter in een civiele zaak, stellende dat de rechter mogelijk vooringenomen was. De wrakingskamer onderzocht het verzoek op basis van schriftelijke stukken en een mondelinge behandeling.
De wrakingskamer benadrukte dat een rechter alleen gewraakt kan worden bij concrete feiten die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Verzoekster had echter geen dergelijke feiten aangevoerd, behalve een onwelgevallig besluit tot afwijzing van een verplaatsingsverzoek, wat een procesbeslissing betreft en geen grond voor wraking vormt.
Ook het argument dat sprake zou zijn van een nietige dagvaarding werd verworpen als wrakingsgrond, omdat dit een inhoudelijke beoordeling betreft die aan de behandelend rechter is voorbehouden.
De wrakingskamer concludeerde dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren die de onpartijdigheid van de rechter in gevaar brachten. Het wrakingsverzoek werd daarom als ongegrond afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is als ongegrond afgewezen wegens gebrek aan concrete feiten die onpartijdigheid aantasten.