Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de dagvaarding d.d. 10 juli 2020 (met producties 1 t/m 49),
- de nadere producties 50 t/m 66 van Woonborg,
- de mondelinge behandeling d.d. 3 augustus 2020, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt,
- de pleitnota van Woonborg.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling van het geschil
alleomstandigheden gevrijwaard moet blijven van welke vorm van (geluids)hinder/overlast van zijn buren dan ook. Daar komt bij dat aan het samenwonen in een appartementencomplex eigen is dat men als bewoner bepaalde geluiden van andere (naast/onder/boven) gelegen appartementen meekrijgt en dat moet tot op zekere hoogte door bewoners worden aanvaard. Een en ander wordt echter anders als de aard en omvang van de (geluids)overlast de grenzen van het aanvaardbare overschrijdt en daarmee als onrechtmatig moet worden beschouwd.