ECLI:NL:RBNNE:2020:2156
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- B.I. Klaassens
- H.H.A. Fransen
- R. Depping
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs medeplegen hennepteelt
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte vrijgesproken van het medeplegen van het telen van hennep in een periode van maart 2015 tot september 2017. Het openbaar ministerie had verdachte ten laste gelegd dat hij samen met anderen hennepplanten teelde, bewerkte en aanwezig had in een ondergrondse ruimte bij een pand in De Kiel.
Het bewijs bestond voornamelijk uit verklaringen van medeverdachten die een persoon met dezelfde achternaam als verdachte noemden, groeischema's met zijn naam, en omstandigheden zoals het rijden in een Opel Astra. De officier van justitie stelde dat verdachte actief betrokken was bij de kwekerij en ook op de achtergrond bleef deelnemen in de winst.
De verdediging voerde aan dat verdachte niet overeenkwam met het signalement van de genoemde persoon, dat de verklaringen van medeverdachten tegenstrijdig en onduidelijk waren, en dat geen DNA, vingerafdrukken of telefoongegevens verdachte aan de kwekerij verbonden. Ook werd gewezen op de mogelijkheid van schuldafschuiving door anderen.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de aanwijzingen onvoldoende overtuigend bewijs bestond dat verdachte daadwerkelijk de persoon was die medeverdachten bedoelden. De vondst van groeischema's met zijn naam was onvoldoende om tot een bewezenverklaring te komen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplegen hennepteelt.